1949 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 61
VAN KANSREKENING TOT STATISTIEK
49
impulsen in het geding is, waarvan geaardheid en herkomst bovendien verborgen blijven. Onder zulke omstandigheden zouden wij met de openhartige erkenning van onze onkunde kunnen volstaan, doch tegen een blote formulering in dier voege, dat de uitslag van het betreffende evenement toevallig is, kan men zeker geen bedenking opwerpen. De introductie van het toeval heeft aldus met magie of tegennatuurlijke invloeden hoegenaamd niets te maken; het speelt slechts de rol van hulpbegrip, waarmede wij op eenvoudige wijze de zogenaamde contingente gebeurtenissen kunnen afzonderen. Terzake van deze wisselvallige evenementen leert nu de wet der grote getallen, dat een uitgebreide suite van waarnemingen op een en hetzelfde verschijnsel met hoge graad van waarschijnlijkheid tot een resultaat leidt, waarin de grillige effecten van het toeval zijn geneutraliseerd. Kunnen wij dus omtrent een enkele proefneming hoegenaamd niets zeggen met betrekking tot de uitslag, het resultaat van een veelvuldige herhaling wordt wederom door mathematische stellingen beheerst. Er is dan tweeërlei wetmatigheid: enerzijds het causaliteitsprincipe, dat aan iedere proef ten grondslag ligt, al is de physische vertolking dan ook ondoenlijk; anderzijds de wet van de grote getallen, die een omvangrijke reeks van observaties door willekeurig dicht tot de eenheid naderende kansen reguleert. Juist die tweeërlei wetmatigheid heeft echter tegenspraak uitgelokt, omdat de contingente gebeurtenissen veelszins geacht worden buiten het regime van de causale natuurorde te staan. Natuurlijk kan de existentie van het theorema der grote getallen, hetwelk in de kansrekening en de statistiek zulk een dominerende functie bekleedt, niet worden ontkend, doch men accepteert deze wet zonder haar relatie tot de primaire natuurorde te erkennen of na te speuren. Voor vele, misschien zelfs voor verreweg de meeste christenen vormt het contingente terrein een laatste bolwerk, waarin zij zich tegen het rationalisme verschansen. De vaste, door natuurwetten beheerste orde der dingen abstraheren zij onbewust van de Goddelijke voorzienigheid, doch in de wisselvallige verschijnselen en dan met name in de gebeurtenissen, die catastrophale effecten sorteren, erkennen zij onvoorwaardelijk de mogendheden des Heren. Het behoeft dan ook niet te verwonderen, dat het leerstuk van de Goddelijke voorzienigheid zich onmiddellijk aan ons opdringt, zodra wij onze gedachten over het wisselvallige karakter van het natuurgebeuren laten gaan. W e l heeft de ervaring geleerd, dat vele chris-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1949
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 232 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1949
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 232 Pagina's