1949 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 150
BIOLOGISCHE DAG gehouden op Zaterdag 23 Apnl 1949 m de Clubzaal van het Jaarbeursgebouw te utrecht. De vergadering wordt door de voorzitter, Dr J Verseveldt, geopend met gebed en voorlezing van Job 38 1—19, 39 29—35 en 42 1—6 De voorzitter richt een woord van welkom tot de aanwezigen, in het bijzonder tot de sprekers Dr H P Wolvekamp, de heer H W de Groot en Dr B Kok Op voorstel van de voorzitter wordt met algemene stemmen besloten de reiskosten hoofdelijk om te slaan Hiermee wordt bereikt, dat de hoge reiskosten, die anders alleen op de veraf wonende leden drukken, nu door alle aanwezigen gezamenlijk gedragen worden Daar de volledige tekst der voordrachten evenals de discussies in een afzonderlijk nummer van „Geloof en Wetenschap' zullen worden opgenomen, kan in dit verslag worden volstaan met de resume's, aan de hand waarvan de sprekers hun voordrachten hielden Allereerst spreekt Dr H P Wolvekamp over „De relatieve onafhankelijkheid van de zenuwphysiologie van psychologische concepties" Zowel de realistische als de monistische beschouwingen zijn niet m staat een bevredigende voorstelling te geven van de, in het dagelijks leven als evident ondervonden, interrelaties der psychische en physiologische („materieele") processen Psychologie en physiologie dienen hun eigen methodes te gebruiken, waarbij het evenwel geoorloofd — en vaak ook noodzakelijk — is m de psychologie physiologische verschijnselen m de physiologie psychische phaenomenen als „indicatoren" te gebruiken Methodisch is de opvatting, dat psychische en physiologische verschijnselen t o V elkaar complementair zijn (Bohr), op het ogenblik de meest vruchtbare Wanneer men aldus psychische en physiologische verschijnselen niet achter, maar naast elkaar plaatst, moet een langs elkaar schuiven van physische en psychologische reeksen van processen kimnen worden waarschijnlijk gemaakt Inderdaad zijn hiervoor aanwijzingen te vinden (o a bij het zien) Het ontoereikende der oudere physiologische theorieën over de functie van het centraal zenuwstelsel berustte o m op de volgende tekortkomingen . a. de miskenning van het feit, dat het geheel meer is dan de delen, b de te starre localisatieleer, c de verwaarlozing van het feit, dat het centraal zenuwstelsel „spontane activiteit" vertoont Het onderzoek der met de meest ingewikkelde psychische verschijnselen parallel verlopende physiologische processen is nog wemig gevorderd (gegevens uit de kliniek, electro-encephalografie) BIJ eenvoudige waarnemingsprocessen en handelingen (inclusief m stincthandelingen) heeft de ethologisch-physiologische analyse en ook de resynthese reeds belangwekkende resultaten geboekt
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1949
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 232 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1949
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 232 Pagina's