Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1950 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 159

2 minuten leestijd

MENS EN MACHINE IN DE OUDHEID

135

het aandrijven van tredmolens, wateropvoerwerktuigen en andere machines. Ook hier bracht de verbeterde inspanning van het trekdier een omwenteling teweeg in de vroege Middeleeuwen. Aan de andere kant staat het feit, dat de klassieke geleerden zeer wel in staat waren om machines te construeren. Niet alleen beschikten zij over goede wetenschappelijke instrumenten, doch waar de nodige drang daartoe bestaat bouwen zij voortreffelijke oorlogswerktuigen, hijskranen en dergelijke voor het bouwbedrijf, pompen en andere machines, waarvan de archaeologen ons de overblijfselen kunnen tonen, zodat ons oordeel niet alleen op litteraire gegevens behoeft te berusten. Zelfs had men empirische formulies die b.v. catapultae verband leggen tussen kaliber en gewicht van het projectiel. In het klassieke ambacht zijn een, zij het gering aantal belangrijke uitvindingen gedaan, zoals die van het beton, van de schroefpers en van de zandlopervormige korenmolens. Doch in het algemeen is de belangstelling der geleerden niet gericht op het ambacht en dit moet zelf langs de moeizame experimentele weg met weinig hulpmiddelen en zonder steun van natuurwetenschappelijke theorie en berekening verbeteringen zoeken, waartoe economische stimuli maar al te karig waren. Ook de voor onze tijd zo typische fabrieken ontbreken. De ,,fabrica" was de werkplaats van een faber, iemand, die werk verricht, dat tegenwoordig de zware industrie uitvoert, b.v. de grofsmid. Voor de werkplaats van de gewone ambachtsman vinden we meestal het woord ,,oficina". In enkele gevallen, b.v. te Aquilea of Capua, nemen deze wel eens de vormen aan, die doen denken aan de latere Franse ,.manufactures", d.w.z. onder één dak huizen een aantal ambachtslieden, die door bankiersgeld gesteund op grotere schaal produceren. Doch van arbeidsindeling in afzonderlijke handelingen is geen sprake. W e raken ook hier dadelijk een der diepere factoren, welke achter dit falen van mechanisatie staat, n,l. de antieke economie. In de klassieke Oudheid is de koopkracht beperkt tot een zeer kleine groep van mensen. De meerderheid, zelfs van de burgers, leeft op de rand van minimum bestaansvoorwaarden. De ambachtslieden bezitten uiterst weinig zelfs aan huisraad en werktuigen. Nergens treffen we blijvend overproductie aan van verbruiksgoederen, die de levensstandaard zouden kunnen opvoeren. Even typisch is het ontbreken van alle massaproductie. W e l zijn er hier en daar gevallen van specialisatie in een bepaald ambacht, doch de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 228 Pagina's

1950 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 159

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 228 Pagina's