1950 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 120
100
ÏI. W. DE GROOT
eigenschappen van alle weefsels reeds aan het afnemen zijn vóór de leeftijd, waarin over het algemeen het nageslacht wordt verwekt. Mag er dus te constateren zijn een algemeen vooruitgaan op de weg van de ontwikkeling vanaf de geboorte — en men meent wetenschappelijk te mogen aannemen, dat de lichamelijke ontplooiing op ongeveer 20-jarige leeftijd haar top heeft bereikt — daarnaast zien we, dat enkele onderdelen in werkzaamheid beginnen te tanen, en andere reeds oud zijn, vóórdat er van een algemeen, totaal begrip ouderdom sprake is, al bevorderen het uitvallen van deze functies v/el het naderen ervan, en kondigen ze deze soms lichamelijk en geestelijk aan. De periode van de z.g. Overgangsjaren, zowel van de vrouw, als die vermoed bij de man, valt dus niet onder de clausule; Ouderdom — ook al, omdat het symptomencomplex van het Climacterium andersoortig is. Verouderen en ophouden of veranderen in functie, zelfs van belangrijke onderdelen van het organisme bepalen dus niet het in geding zijnde begrip. De Ouderdom omvat een min of meer aftakelen van het gehele organisme, dus van zijn totale structuur. In tijdsformule afgebakend is de begindatum daarvan niet nauwkeurig aan te geven, terwijl het einde bepaald wordt door de dood, een eveneens zeer willekeurige en onbekende factor. De conclusie kan dus slechts zijn, dat: Het normaal voortlevend menselijk organisme zijn ouderdom aanvangt op ongeveer 60~jarige leeftijd en daarna zijn einde vindt in de onberekenbaar optredende dood. Aan deze formulering doet niets af, dat velen vóórdien verouderd zijn en anderen jonger sterven door intercurrcnte ziekten of andere invloeden èn dat omgekeerd de levensduur wordt verhoogd door betere levensvoorwaarden. Naar aanleiding van de b.g. gegevens, zou ik nog even Uw aandacht willen vestigen op de merkwaardige formulering van het leven in het Doopformulier, waar dit omschreven wordt als ,,niet anders te zijn dan een gestadige dood". Het duidt aan, dat gezonde Christelijke levensopvatting uiteindelijk steeds in overeenstemming zal blijken te zijn met nauwkeurige resultaten van Wetenschappelijk onderzoek. Vragen we nu: Waardóór is iemand oud? W a zijn de kenmerken van de Ouderdom? Het publiek — het mensdom — de spraakmakende gemeente — die ondertussen vaak blijk geeft van sterke en juiste opmerkingsgave •— en gesteund wordt door een eeuwenlange ervaring — weet dat wel! Men zegt: Hij of zij tekent oud.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 228 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 228 Pagina's