Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1950 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 129

2 minuten leestijd

IETS OVER OUDERDOM

109

dreven door levenbegerende, levenwillende, levenzoekende en levenproducerende factoren. Maar daarbij is ook deze mens gebonden aan de regel van de éénvormigheid in de kaleidoscopische veelvormigheid van de schepping. W a n t ook hij is onderworpen aan de natuurwet: ,,A1 zijt ge (levende) stof, tot (dode) stof zult ge wederkeren". Vandaar ook in de ouderdom en meer als men vaak vermoedt, juist daar: ,,Hoe kleeft mijn ziel aan het stof'!! Dat de jeugd, die het leven' voor zich heeft, aan het leven hangt, er naar haakt, er naar grijpt, lijkt zo gewoon. Dat de oude, die voor het einde van dat leven staat, er aan kleeft, wordt vaak minder verstaan. Hoe men het ook noemen wil: de vrees voor de dood — de ondergang — óf de zucht om te leven — de levensdrang —: in de uitingsvormen van de ouderdom demonstreert zich de poging van het individu zich zelf te handhaven, — innerlijk en primair tegenover de dood — en daardoor en in verband daarmede uiterlijk en secundair tegenover de invloeden van de buitenwereld: d.w.z. de omgeving èn de eigen lichaamsaftakeling. Enkele grepen uit het leven daartoe ten bewijze. De vaak kinderachtig aandoende, de ouderdom echter rustgevende wetenschap, dat in het kind het geslacht zal blijven voortleven, —• de speciale voorliefde voor het kleinkind, dat dezelfde naam draagt, — zijn tekenen, dat, waar de persoonlijke zelfhandhaving onherroepelijk teloor gaat, maar toch iets van de verdwijnende gestalte blijft voortleven in de nakomelingen, — dit een geluksgevoel verwekt, intuïtief veroorzaakt door de zucht zelf te blijven leven. In het geven van dubbele familienamen bij het uitsterven van een geslacht zit dezelfde trek. Zien we dit verband ook niet in het volgens laatste wil te plaatsen Grafsteentje — en de uitgesproken begeerte een eerlijke begrafenis te hebben, bekostigd uit eigen zuur verdiend en gierig bewaard spaarduitje, — daar, waar vrijwel alle sibbe ontbreekt? Hoewel onderdeel van de menselijke drift voor zich een blijvend teken op te richten — denk aan de monumenten der oudheid en van latere eeuwen —, de bouwwoede van Caesaren en Dictatoren van vroeger en nu —, maar, neiging ook onlosmakelijk verbonden zelfs aan de meest onbelangrijke figuur —. openbaart het verzet tegen de dreigende, totale ondergang van het Ik — zich het eenvoudigst en simpelst in de kleinigheden van het dagelijkse gedrag van de ouder wordende mens. In zijn gehele optreden is er de drang tot zelfhandhaving, de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 228 Pagina's

1950 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 129

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 228 Pagina's