1950 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 28
20
Dr A TH KNOPPERS
tijd een discussie plaats g e v o n d e n over een wetenschappelijke theorie, die n a a r een exactheid streeft, vanuit een metaphysisch gezichtspunt. D e v r a a g ,.schepping of decendentie der s o o r t e n " is t h a n s verbleekt als een onjuiste vraagstelling D e ,,descendentie der s o o r t e n " bedoelt te zijn een s a m e n v a t t i n g v a n een steeds meer uitbreidend feitenmateriaal betreffende het verschijnen der soorten m de tijd Deze theorie is m eerste instantie descriptief; zij kent enkele verklaringsmogelijkheden die het verschijnsel als geheel bij lange n a niet omvatten i ) W a n n e e r men aanneemt, d a t de soorten in een b e p a a l d e opeenvolging m d e tijd o p g e t r e d e n zijn (en dit k a n b e wezen geacht w o r d e n , d a n is een wetenschappelijke w e r k h y p o these, dat deze soorten uit elkaar o n t s t a a n zijn. V o o r iedere a n d e r e h y p o t h e s e houd ik mij aanbevolen, mits deze k a n s e n op verifiëring •— of liever nog falsifiëring — biedt, een dergelijke hypothese moet binnen het vlak der mogelijkheden v a n exacte w e t e n s c h a p liggen H o e w e l enkele mechanismen b e k e n d zijn, die een o v e r g a n g v a n een soort m een a n d e r e d e n k b a a r maken, k a n toch vastgesteld w o r d e n , dat de ontwikkeling als geheel zeer raadselachtig is Bij de beoordeling v a n dit probleem stuit men al dadelijk op primaire moeilijkheden, zoals 1 het ,,soortbegrip", 2. de begrippen ,,microevolutie", ,,macro-evolutie" en dergelijke en het wetenschappelijk al of niet gewenst zijn v a n deze laatste b e g r i p p e n E e n bespreking v a n het „ s o o r t b e g r i p " is een zo breed o n d e r w e r p , d a t het m i buiten het r a a m v a n deze studie valt. M . i . moet het streven zijn het ,,soortbegrip" niet al te sterk v a s t te leggen, doch een formulering te kiezen, die een ,.pragmatisch" k a r a k t e r heeft en actueel wetenschappelijk v e r a n t w o o r d is. In ieder geval hoede men zich zo veel mogelijk voor het invoeren v a n metapsysische bepalingen m het soortbegrip ^ ) . Aphoristisch zou men k u n n e n zeggen, d a t het s o o r t b e g n p een dynamisch element moet hebben, o m d a t d e soort zelf niet geheel stabiel is. In d e U . S A hebben D o b z h a n s k y en ook M a y r een poging g e d a a n het soortbegrip in deze richting te ontwikkelen. Dobzhansky geeft de v o l g e n d e formulering ,,That stage of the evolutionary process at which the once actually or potentialy interbreeding a r r a y of forms becomes s e g r e g a t e d into t w o or more s e p a r a t e ^) In dit opzicht verschil ik van opvatting met Julian H u x l e y , die de huidige verklaringsmogelijkheden bevredigend noemt ^) Deze kunnen slechts nuttig zijn, als zij heuristische betekenis hebben (en dit IS slechts zelden het geval).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 228 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 228 Pagina's