1950 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 131
IETS OVER OUDERDOM
111
strijdige, veelvuldig voorkomende, hysterisch getinte overdrijvingen bij ziekte of ziektegevoel, — waarin echter duidelijk waarneembaar is de vrees voor het einde, maar tevens de wil om niet als pion, maar als koning of koningin in het schaakspel van het leven te worden beschouwd. Afgezien van de Seniele Dementie met haar onberekenbare en wisselende verschijnselen, waarbij de persoonlijkheid zich als zodanig niet kan uiten en slechts brokstukken van het geheel resteren, wijzen ook de Oaderdomspsychosen in dezelfde richting. In deze melancholisch-paranoied getinte Zenuwstoornissen zit bij alle zelfverwijt en wroeging, öf meer óf minder diep verscholen haat tegen de omgeving, verborgen de drang tot beter, nieuwer leven óf streven naar bevrijding van de machten, die het schijnen te bedreigen. En ook de souvereine minachting voor jeugdig enthousiasme, dat meent alles te weten, te kennen en te kunnen vernieuwen, is in de grond niet alléén een verzet tegen de aanslag op grotere levenservaring, maar berust in wezen op weerstand tegen aantasting van levensbestaan en persoonlijkheid, die zich niet in een hoek wilen laten duwen. Vandaar dan ook, dat de ouderdom 20 vaak gekenmerkt is door een prikkelbaarheid en afgunst, die de moeiten en zorgen van het zich verkleinende, bekrompen bestaan nog vergroten en die vele jongeren afkerig zich doen afwenden van ,,de oude knorrepot en de vervelende zeurkous". Gelukkig is deze sombere schildering niet steeds het beeld van de oude. Kennis, gebaseerd op studie en overweging, — wijsheid, verworven door lange ervaring — rust, geboren in de stormen des levens, — kalmte, verkregen in jaren van moeizame arbeid, — verstaan en begrijpen van jeugd en van jongeren, — humor, nog tintelend van jeudige frisheid — meeleven en aanvoelen bij nood en bij leed —, de vertederde glimlach van weten en kennen — ze maken grootmoeder tot troostbron van allen en grootvader tot vraagbaak voor ieder. En zo zijn er de Stoicijnen en de onverschilligen — de sloven en sloofjes, — de gedesillusioneerden, ,,die 't paadje niet graag weer langs willen" — de verontrusten en de rustigen — de opstandigen en de verslagenen. Maar aan allen is echter gemeen de hang naar leven en een bepaalde levensvorm, tenzij niet in een totale dementie, — in een plantenbestaan, — de laatste resten van een persoonlijkheid schijnen uitgestorven. Welke typen, ontstaan onder invloed van karakter en levensont-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 228 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1950
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 228 Pagina's