1952 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 176
84
Dr A. C. DROGENDIJK
zodoende de zelfstandigheid van het individu, het gezin en de maatschappij vernietigt. „Dit is", aldus Geesink, „het staatsabsolutisme of de volstrekte heerschappij van den staat, die geen plaats laat voor de vrijheid der burgers." Het is vooral Kuyper geweest, die met kracht geprotesteerd heeft tegen deze almacht van de staat. „Die beweerde omnipotentie van den staat" 3), zo schreef hij indertijd, „is de ondragelijkste tyrannie, die zich denken laat." Zowel op het terrein van het gezin, van de kerk, van de wetenschap, als op het gebied van techniek, handel, nijverheid en vereniging moet de souvereiniteit in eigen kring worden geëerbiedigd en met hand en tand verdedigd. Daarnaast staat dan de „souvereiniteit van wet en recht", die in de staat haar belichaming vindt en welke slechts de bevoegdheid heeft om de onderlinge verhoudingen te bewaken en daardoor een geordende menselijke samenleving mogelijk te maken. Van uit deze principia valt het niet moeilijk de zoeven gestelde vraag te beantwoorden, of namelijk de volksgezondheid primair of secundair tot de taak van de staat behoort. Zoals wij immers zelf zorgen voor ons voedsel en onze kleding, zo behoort ook de zorg voor de welstand van ons lichaam en onze geest tot onze persoonlijke plichten of, zo wij nog te jong zijn om deze plichten te kunnen vervullen, tot de plichten der ouders of voogden. Uit deze stelling vloeit onmiddellijk voort, dat primair hier een taak ligt voor het individu en dat deze zorg niet, althans niet in eerste instantie, berust bij de Overheid. Bij ziekte en ongeval toch betreden wij het terrein van het z.g.n. private leven, zoals dit in de gesloten woning binnenskamers wordt doorleefd en dit private leven valt buiten de bemoeienis van de Overheid. De onderdanen van de staat hebben in dit opzicht een rechtstreekse verantwoordelijkheid, die ze niet zomaar aan anderen kunnen overdragen. Bovendien wordt door te ver doorgedreven overheidszorg het verantwoordelijkheidsbesef der onderdanen geschaad. Ze verzwakt, merkt Colijn zo juist op, de prikkels van de consciëntie en van het natuurlijk belang om voor de gezondheid van zichzelf en van anderen te waken. En zij dreigt daardoor, zo niet onmiddellijk dan toch op den duur, de zorg voor het hygiënisch volksbelang veeleer te benadelen dan te bevorderen. Zodra staatsabsolutistische opvattingen ingang vinden, dreigt terstond het gevaar van hypertrophie van de overheidszorg ten koste van individu en gezin. Hiermede is echter niet gezegd, dat de Overheid inzake de volks-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1952
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 200 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1952
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 200 Pagina's