1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 94
76
J. LEVER
Zo gaf het lezen van Malthus' boek Darwin ineens de theorie, waaraan zijn naam altijd verbonden zal blijven. Een theorie bovendien waar mee te werken viel, die geverifieerd kon worden en ten gunste waarvan Darwin ook al zeer veel materiaal bezat. Darwin, bang voor de consequenties die deze theorie reeds op het eerste gezicht heeft, bang bovendien om zich met zijn zozeer van de gangbare opvattingen afwijkende theorie te blameren, waagde het niet haar reeds op papier te zetten, laat staan te publiceren. Hij studeerde daarom verwoed verder, en het duurde tot Juni 1842 voor hij een korte schets van 35 pp. over zijn theorie schreef. Gedurende de zomer van 1844 breidde hij deze uit tot een manuscript van 230 pagina's. Men zou verwachten dat Darwin dit resultaat van 7 jaren diepgaande studie nu wel zou publiceren. Zijn karakter stond hem echter in de weg. Hij was uiterst voorzichtig, haast bang van aard en had een zucht naar volledigheid, waardoor hij steeds maar weer nieuwe argumenten aan zijn bewijsvoering wilde toevoegen. Bovendien moeten wij niet vergeten, dat hij in feite een amateur was, die geen universitaire opleiding had genoten en die nimmer als vakman in een wetenschappelijk milieu opgenomen was geweest. Maar ook zijn heremiet-achtig leven in het dorpje Down bracht met zich mee dat hij weinig contact met de wetenschappelijke wereld had. En tenslotte, en dat legde wellicht het meeste gewicht in de schaal, alle prominente onderzoekers, ook die met hem goed bevriend waren, zoals Henslow, Sedgwick en Hooker, waren overtuigde aanhangers van de constantie-biologie. Zelfs Lyell is), van wie men toch anders zou verwachten, was toen, in zijn publicaties althans, de constantiegedachte nog toegedaan. Darwin durfde zijn manuscript aanvankelijk zelfs niet door iemand anders te laten lezen. Pas jaren later heeft hij het aan de botanicus J. D. Hooker (1817—1911) ter inzage gegeven ^9) en Lyell van de mhoud in kennis gesteld 20). Deze zagen het grote belang van zijn werk in en raadden hem aan het persklaar te maken. Darwin begon hiermee, maar onder zijn handen groeide het weer zo uit met al het bewijsmateriaal dat hij er bij had gevonden, dat het nog jaren zou geduurd hebben voor zijn theorie wereldkundig werd, ware het niet dat Darwin op 18 Juni 1858 de grootste schok van zijn leven kreeg. Met de ochtendpost ontving hij op die datum n.l. een brief uit Nederlands Oost-Indiè van een jong Engels zoöloog Alfred Russel Wallace (1823—1913), waarbij deze een manuscript voegde onder de titel „An
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's