1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 320
286
W. J. A. SCHOUTEN
Van d e Hulst ziet geen toenadering tussen theologie en natuurwetenschap op grond van de moderne resultaten van het natuurwetenschappelijk onderzoek. H e t enige verschil met vroeger is, volgens hem, d a t d e pretentie die d e natuurwetenschap vroeger had, voor een groot deel verdwenen is en dat daarmee een belemmering voor het gesprek tussen theologie en natuurwetenschap vervallen is. Bij dit gesprek, dat Van d e Hulst blijkbaar toch wel van belang acht, is de functie van de natuurwetenschap volgens hem noch leidend, noch bestrijdend, maar wel dienend: zij dient te waken tegen de gemakkelijke oplossingen en vooral tegen literair schone verzoeningen tussen dogma en naief of populair-wetenschappelijk wereldbeeld n ) . In Mei 1951 verscheen er in het tijdschrift W e n d i n g een merkwaardige publicatie onder d e titel: „Memorandum in zake d e crisis in wereld en Kerk". Dit stuk was ondertekend door Dr Clausing, Prof. Holst, D r Teves, D r Vink en D r Volger. Holst is d e oprichter en eerste directeur van het Natuurkundig Laboratorium der N.V. Philips en d e vier anderen zijn als physicus aan dit laboratorium verbonden. In een woord vooraf wordt meegedeeld, dat de vijf opstellers van dit stuk leden zijn van d e z.g. „Utrechtse Kring". Deze kring die sinds de herfst van 1947 af en toe te Utrecht bijeenkomt, tracht nieuwe wegen te vinden voor het kerkelijk gesprek en voor het gesprek van d e Kerk met d e wereld. D e kring bestaat uit H e r v o r m d e theologen van alle richtingen en uit belangstellenden, die niet theologisch gevormd zijn, waarvan de meesten eveneens tot de Ned. Herv. Kerk behoren, maar sommigen buiten kerkelijk verband staan. D e aanleiding tot dit memorandum was de vraag van enige theologen uit d e kring naar d e kijk van natuurwetenschappelijke onderzoekers op deze verhouding van wereld en Kerk. H e t memorandum schetst dan de geestelijke crisis in de wereld en ook d e crisis in d e Kerk, die d e greep op d e jeugd en haar bindingskracht voor de verschillende bevolkingsgroepen heeft verloren. Misschien rijst d e vraag w a t d e natuurwetenschap hier nu mee te maken heeft. Alinea 10 geeft het antwoord : Het zijn de materialistische en deterministische philosophen van de vorige eeuw, die in dit alles de leiding hebben genomen en die maar al te gemakkelijk gevolgd zijn door grote aantallen der ontwikkelden en minder ontwikkelden van de Westerse cultuurkring. Door een popularisering van hun wetenschap, los van overige waarden, hebben te veel beoefenaars der natuurwetenschappen het hunne bijgedragen om in de wereld een geest ingang te doen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's