1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 145
BEPALING VAN OUDERDOM MET RADIO-ACTIEVE KOOLSTOF 123 ratory (Ann Arbor) onder leiding van Crane. De Europese bijdragen (o.a. uitgevoerd in Harwell en in Groningen) zijn nog bescheiden. Bij de keus van de te onderzoeken materialen gaat men in de Amerikaanse centra zeer ernstig te werk; deze keus wordt bepaald door een commissie, bestaande uit physici, geologen en archaeologen. Voor het verzamelen der monsters heeft men aparte werkgroepen voor werk in de Oude Wereld, We.st-Europa, Noord-Amerika, MiddenAmerika, Zuid-.A.merika etc. De belangstelling is sterk gericht op Noordamerikaanse materialen; ongeveer de helft van het aantal metingen had hierop betrekking. De lest van hun aandacht was ongeveer gelijk verdeeld tussen de Oude Wereld, West-Europa, MiddenAinerika, Zuid-Amerika en de rest van de wereld. 4.2 Foutenbronnen. Voor wij enkele van de gepubliceerde resultaten vermelden, willen we nog nagaan wat er nodig is voor een juiste datering van de vondsten 20)^ 22). Allereerst is voor een juiste interpretatie van de datering nodig de stratigrafische positie van de vondst goed te bepalen. Verder moet men er zeker van zijn, dat het i4Cgehalte inderdaad representatief is voor de ouderdom van het object. Zo kan bijv. een moeilijkheid optreden indien men resten van waterplanten onderzoekt, die tijdens hun leven een deel van hun koolstof betrokken uit opgeloste „oude" carbonaten. Men zou deze resten te oud dateren. Ook moet men er zeker van zijn, dat na de dood van het organisme geen koolstof-uitwisseling met de omgeving optrad. Deze treedt bijv. wel op bij onverbrande beenderen, die daardoor onbetrouwbare resultaten geven. Bij verbrande beenderen, hout en turf blijkt deze uitwisseling niet op te treden. Uit dit alles blijkt, dat de keus van de objecten zeer zorgvuldig moet geschieden en dat er eerst enige ervaring nodig was om tot werkelijk betrouwbare resultaten te komen. We zullen nu enkele grepen doen uit de resultaten. Allereerst enkele, die van belang zijn voor de cultuurgeschiedenis. 4.3 Egypte. Als voorbeeld van de controle en aanvulling van een geschiedkundige datering nemen we de metingen van Egyptische objecten (zie tabel 2). Reeds bij de eerste metingen, uitgevoerd door Libby, waren er enkele, die betrekking hadden op Egyptische materialen. De oudste dateringen betreffen de prae-dynastieke tijd; Egypte was toen nog niet tot één rijk samengevoegd. De datering in deze periode is op historische gronden vrij moeilijk. De hier gegeven aanvulling is dus zeer waardevol.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's