Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 202

2 minuten leestijd

176

L. ALGERA

chromosoom gerangschikt liggen, zal het percentage crossovers afhankelijk zijn van de afstand tussen twee genen. Hoe groter deze afstand is, des te groter is het crossover-percentage. Hiervan heeft Morgan gebruik gemaakt om de genen in het chromosoom te localiseren. Hij bepaalde voor alle bekende genen paarsgewijze het crossover-percentage en kon daarmede de onderlinge afstand en rangschikking van de genen vaststellen. Op deze wijze ontstonden de chromosomenkaarten, waarop voor elk bekend gen de juiste plaats of locus staat aangegeven. Wij kunnen ons nu afvragen, hoe groot een enkel gen is. Langs twee wegen is men er in geslaagd de afmetingen der genen bij benadering vast te stellen. De genen liggen in het chromosoom niet onmiddellijk naast elkaar. Om dit toe te lichten, moeten wij iets dieper op de bouw van een chromosoom ingaan. Een chromosoom is opgebouwd uit een zeer lange, dunne en sterk kleurbare draad, het chromonema, dat in een grondstof ligt ingebed. In bepaalde stadia van de kerndeling is te zien, dat het chromonema een groot aantal verdikkingen draagt, die onderling in vorm verschillen en op verschillende afstanden van elkaar liggen. Deze verdikkingen zijn de chromomeren. In deze chromomeren liggen de genen; het chromonema tussen de chromosomen bevat er geen. Door hun geringe afmetingen zijn de chromomeren echter zeer moeilijk voor verder onderzoek toegankelijk. Het is dan ook een gelukkige omstandigheid, dat een aantal vliegen, waaronder de bananenvlieg, in hun speckselkliercellen chromosomen bezitten, die ongeveer honderd maal zo lang zijn als de normale. Aan deze zgn. reuzenchromosomen zijn de chromomeren zeer duidelijk als schijfjes of als al of niet onderbroken ringen waar te nemen. De dikte van deze schijven of ringen is gelijk aan de afmetingen van de chromomeren in de lengterichting van het chromosoom. Deze dikte kon worden gemeten, waardoor de totale lengte der gezamenlijke chromomeren kon worden bepaald. Door nu deze lengte te delen door het totaal aantal bekende genen in het beschouwde chromosoom, is men tot de voorstelling gekomen, dat een gen een plat rond schijfje is met een diameter van ongeveer 100 m ^ _ een hoogte van 4 a 5 m/^ en een inhoud van de orde van grootte van 10* m^^. Wright berekende het gewicht van een gen en vond hiervoor 1 0 ' ^ gram. Dit komt overeen met een „moleculair" gewicht van 6 X 10^. Deze getallen zijn ongetwijfeld te groot. Om de werkelijke uit-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's

1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 202

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's