1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 74
60
SECTIE-VERSLAGEN
anthropologische visie feal voor de Christen moeten leiden tot een psychologie die met de Bijbel rekening houdt. Het is b.v. beslissend te v r a g e n : Staat onze psychologie op biologische grondslag, zoals van Freud, of meer op sociaal democratische grondslag, als van Adler, of op Bijbelse grondslag? Het driftleven alleen is niet bepalend voor de mens, evenmin zijn gemeenschapszin, maar wel hoe zijn verhouding tot Ood is. Het is dan zinvol om te spreken van een Christelijke psychologie. Door de „non directive therapy", o.a. door Alexander en French meer naar voren gebracht, kunnen we meer open staan voor onze patiënten en hun speciale problemen, ook die conflicten die speciaal van ethische en religieuze aard zijn, beter tot bewustzijn en oplossing brengen. Er zijn zoveel licht-neurotische mensen, wier persoonlijkheid nog vaak voor een groot deel intact en uitgegroeid is. Juist hier kunnen allerlei vormen van psychotherapie worden toegepast, waar de zielzorg een plaats kan, soms moet vinden om waarachtig te kunnen helpen. Van dertig patiënten die het laatste jaar door mij langer psychotherapeutisch werden gehandeld, lag hun problematiek en het gehele beeld zo, dat bij zeven de psychotherapie met zielzorg gecombineerd kon worden, vooral in het synthetisch stadium dat de meeste analytische therapieën m.i. moet volgen. Ik geloof niet, dat een zo scherpe scheiding tussen psychotherapie en agogie gemaakt moet worden, zoals Du Boeuf en Kuiper in hun overigens voortreffelijk boek doen. Er kunnen momenten in de behandeling komen dat we ten slotte durven zeggen : ,,U leeft in conflict met God". Soms kan een appel, soms kan een voorbeeld (Nathan en David) en de confrontatie werken als een dieptebom, zodat de gestuwde krachten weer gaan stromen. David klaagde : ,,Het is niet alleen dit kwaad dat roept om straf". Hij ging zijn leven en zichzelf zien. Westerman Holstijn meent, dat, wanneer dit pas geeft, de analyticus ook voor religieuze en „weltanschauliche" gevoelens, zonder te debatteren, zijn mening kan zeggen. Prof. Rümke meent dat soms de ,,Erschütterung" de weg kan bereiden en hij heeft diep ingrijpende veranderingen zien ontstaan door religieuze ervaringen. We moeten in deze wel zeer voorzichtig zijn en allereerst de gezondheid van onze patiënt op het oog hebben. Agogische beïnvloeding kan enorme weerstanden oproepen en de mensen refzactair maken voor het geloof, maar het komt, zoals o.a. Tournier en Maeder zeggen, op onze attitude en bereidheid aan. Het is goed en juist dat onze patiënten weten wie hun arts is, welke godsdienstige overtuiging hij heeft. Angst- en schuldgevoelens spruiten vaak voort uit een besef van zonde en een onvermogen het eigen zó zijn voor het geweten te rechtvaardigen (Carp). A. Maeder ziet de gezondheid niet als het hoogste goed en hij ontmoet telkens weer mensen waar hij een nauwe relatie tussen zonde en ziekte ontdekt, hetgeen ik niet anders dan bevestigen kan aan talrijke voor-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's