Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 61

2 minuten leestijd

DE ONTWIKKELING VAN EINSTEIN'S EPISTEMOLOGIE

47

de vier coördinaten de mogelijke waarden van plaats en tijd vertegenwoordigen, geeft zulk een betrekking tussen de coördinaten een verband tussen tijd en plaats aan. Zij stelt een bewegingsvergelijking voor, die men bij de berekening van experimenteel verifieerbare gevallen gebruiken kan. In de meeste gevallen verschillen haar uitkomsten niet van die, welke de voorrelativistische theorie opleverde, maar in de gevallen, waarin er wel verschil is, zijn de waarnemingsresultaten in overeenstemming met de relativistische uitkomsten. Met een dergelijke opzet zijn wij echter ver verwijderd geraakt van het positivisme. Immers dit verlangt van de formulering van de fundamentele wetten, dat zij slechts concepties bevatten, die door directe waarneming geverifieerd kunnen worden of althans door een korte gedachtenreeks met rechtstreekse waarnemingen verbonden zijn. In de algemene relativiteitstheorie is de meetkundige gesteldheid van de R4 — de Riemannse kromming en de gravitatiepotentialen — niet een direct waarneembare grootheid. De algemene natuurwetten zijn geformuleerd met behulp van woorden en symbolen, die slechts vla een lange feeten van wiskundige afleidingen verbonden zijn met waarneembare grootheden. Er zijn maar enkele consequenties van deze algemene principes experimenteel verifieerbaar. E i n s t e i n heeft zich in zijn latere wetenschapsbeschouwingen dan ook bewust van het positivisme gedistancieerd. Zo schrijft hij dat Ma c h s kennistheoretisch standpunt hem thans onhoudbaar toeschijnt, omdat deze de constructieve en speculatieve natuur van alle denken geen recht laat wedervaren. Ook ontkent hij, in een beschouwing van 1933, dat men door abstractie uit de ervaring tot de fundamentele wetten van de natuur kan komen. Deze zijn een onafhankelijke schepping van de menselijke geest. Als abstractie uit de ervaringen zou men nooit van N e w t o n s gravitatietheorie naar die van E i n s t e i n zijn overgegaan : toen deze laatste gecreëerd werd, gaven beide vrijwel even goed de toen bekende ervaringen weer. Einsteins gravitatietheorie is ontstaan, omdat men met die van Newton op experimentele gronden ontevreden was. Hij noemt het een vooroordeel, dat soms belemmerend werkt op de ontwikkeling van de wetenschap, als men gelooft dat de blote feiten tot wetenschappelijke kennis kunnen en moeten leiden — ook de vrije begripsmatige opbouw is hiervoor nodig. Voor de beoordeling van algemene natuurkundige theoriën stelt E.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's

1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 61

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's