1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 270
240
J. P. VAN ROOIJEN
ter verklaring van de teruglopende nataliteit kunnen worden aangevoerd, ook voor Nederland onverminderd gelden, zij het dan, dat hier een vertraging van enkele decennia in acht moet worden genomen. Naast de menselijke wilsfactor hebben wij bovendien nog rekening te houden met de veroudering van de bevolking, waardoor de fertiele leeftijdsklassen ten opzichte van de totale bevolking minder gewicht in de schaal leggen. Ook de beweging van het sterftecijfer zouden wij in een getallenreeks met bijbehorende grafiek kunnen neerleggen, doch zulks heeft weinig zin, want sinds 1900 valt een vrij geregelde daling van 18 tot ruim 7 te bespeuren. In het voorgaande hebben wij evenwel doen zien, dat deze teruggang eerlang een einde zal nemen, waarna de lijn onherroepelijk gaat stijgen. Speciale berekeningen wijzen uit, dat uiteindelijk een peil van omstreeks 14 o/oo zal worden bereikt. In dit verband heeft men wel tegengeworpen, dat aldus een te geringe betekenis aan de voortgaande ontwikkeling van de medische wetenschap wordt toegekend. Want wel is het genoemde sterftecijfer ad 14 O/QQ gebaseerd op zeer lage sterftepercentages voor de jonge en middelbare leeftijden, doch men zou het voor mogelijk moeten houden, dat ook de hogere en zelfs de hoogste leeftijden in een thans nog onvoorziene sterftedaling betrokken kunnen worden. Hiermede zou dan uiteraard gepaard gaan een verschuiving van de hoogst bereikbare leeftijd, die momenteel op circa 103 jaar kan worden gesteld, tot 110 of 120 jaar. Te dien opzichte is tweeërlei op te merken. Voorreerst staat vast, dat alle bemoeiing ten gunste van een terugdringen der sterfte tot nu toe nauwelijks enige verschuiving van de hoogst bereikbare leeftijd heeft gebracht; ook in de vorige eeuw zijn er mensen geweest, die de 100-jarige leeftijd mochten passeren. Er is dus vooralsnog weinig grond om te verwachten, dat in deze situatie een merkbare verandering zal optreden. Maar in de tweede plaats dient men te bedenken, dat een verhoging van de grensleeftijd wel voor een zekere tijd, doch allerminst duurzaam het sterftecijfer kan reduceren. Al zou de medische wetenschap dus de bedoelde triumf behalen — moet men daarop hopen? — dan zou de bevolking tijdelijk weer groeien, doch ten slotte verkeert men in precies dezelfde omstandigheden als ware de grensleeftijd nimmer gestegen. Men kan zelfs nog een stap verder gaan. Uit een demografisch
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 342 Pagina's