1954 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 136
110
G. A. LINDEBOOM
overdrijving — hij was het toch maar, die de wetenschappelijke wereld openbaarde, in hoeveel verhulde vormen de begeerlijkheid des vleses den mens aandrijft. Adler voegde daar aan toe de drang naar gelding en macht, de grootsheid des levens. Ik wil bij deze mensbeschouwing van Freud, die in en buiten de medische wetenschap zulk een enorme invloed heeft gehad, niet lang stilstaan, — doch slechts vermelden, dat de mens hier in wezen als een natuurproduct en een natuurverschijnsel zonder meer wordt beschouwd, waarbij een zuiver biologische benadering dan ook volkomen adaequaat schijnt. Freud heeft het trouwens met zoveel woorden gezegd: „die bisherige Etitwicklung der Menschen scheint mir keiner anderen Erklanmg zu bedürfen, als die der Tiere". Dat betekent dus een biologische beschouwing van den mens, welke in medische kringen nog volkomen inheems is. Men moet de biologische belangstelling dan natuurlijk speciaal richten op den mens en de geneeskunde, die zo ontstaat, is eigenlijk een anthropocentrische biologie, waarvan het bekende Kinsey-rapport een klassiek voorbeeld is. Geneeskunde is dan toegepaste biologie van den mens. Soms — wanneer er teveel biologische motieven in schijnen te worden verwerkt, dringt men voorzichtig aan op een humanisering van die biologie. Maar er is alle reden toe om te vragen, of zulk een procédé wel voldoende is, en of er niet veeleer een principieel onderscheid is tussen de veterinaire en humane biologie. Zoals ieder zich een min of meer primitieve philosophic aanmeet en zich gedachten vormt over wereld en leven, zo heeft een ieder zo zijn eigen mensbeschouwing. Maar zulk een mensbeschouwing kan de wetenschap niet, ook de medische wetenschap niet, zonder meer met de methoden der wetenschap, die analytisch te werk gaan moet, opbouwen. Apriorische overtuigingen spelen hierbij een grote en aantoonbare rol. Leven en wereldbeschouwing zijn van grote en beslissende invloed bij de beantwoording van de vraag, wat het eigene van den mens is. De geneeskunde is thans zover, dat zij ziet, dat de beantwoording van die vraag ook voor haar van groot belang is, dat zij niet alleen ziekten heeft te bestuderen, maar, daar zij te doen heeft met zieke mensen, zich ook bewust een beeld van den mens in zijn eigenaard moet vormen en zich moet ontwikkelen in menskundige richting. Anders gezegd: de geneeskunde gevoelt de onuitwijkbare noodzaak zich los te maken uit de eenzijdigheid van het streng natuurweten-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1954
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 290 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1954
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 290 Pagina's