Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1954 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 278

3 minuten leestijd

240

F. J. TOLSMA

daarentegen vast op een bepaald niveau, hetzij hoog dan wel laag, zo fixeert hij zichzclve daarin en vervalt licht tot haeresie. Gaat hij op in de ik—gij relatie, zo miskent de mens de betekenis van het verleden, van het hebben, zowel van het hebben van het lichaam als wel van zijn geestelijk bezit. Transcendeert hij naar de toekomst, dan treedt de mens uit zichzelf en gaat op in de extase, verliest het contact met de wereld in haar betekenis van territorium, zowel als met de gemeenschap en vervalt tot een cosmische orde en vervreemdt van het bepaald zijn door de verantwoordelijkheid. Wanneer wij vragen naar het zijn van de mens, dan betreft het de concrete mens, hier en nu, onherkenbaar vanuit zijn houding, zijn daad, zijn geschrift; in zijn concrete zijn slechts te benaderen vanuit het verleden en vanuit de toekomst. Hoogstens leidt deze benadering evenwel tot een typologie, een algemene karakterisering, bijv. hij is infantiel, hyperthym, man of vrouw, enz. De concrete mens blijkt ongrijpbaar te zijn. Hier rijst echter een veelheid van vragen. Is het zijn in de wereld een geworpen zijn of een gesteld zijn, is er sprake van een gestemd zijn, dan wel van een bestemd zijn? Is de dood begrenzing of ontsluiting? Ongetwijfeld klemmende vragen voor de mens, die rusteloos voortjaagt, zich prijs geeft, zich los maakt, die zich tegelijkertijd tracht te verwerkelijken, expansie zoekt, infiltreert en naar de dood gericht is. Is hij onvoorwaardelijk geworpen, of is er een transcendentie mogelijk naar boven? Is er, wat Karl Heim noemt een andere dimensie, een andere en wel specifiek Christelijke wereld, welke in de onze binnendringt en waarmee wij in het reine moeten komen met alle gevaren van dien, zoals onzekerheid, onechtheid, twijfel of een zich te weer stellen, want immers ook de onzekerheid en de twijfel impliceren het binnendringen der andere wereld. Wij geloven zeker niet meer in de Godsbewijzen van Kant. De gelovige Christen evenwel put zijn diepste bestaan uit Gods Woord, uit de openbaring, welke hem inzage biedt in de zijn vrijheid beperkende momenten, daarmede de ware vrijheid ontsluitend, ze geeft hem de mogelijkheid tot zelfkennis, welke voorwaarde is voor de verlossing. Iemand, die de gehele wereld zuiver physisch ziet, heeft geen verlossing nodig, evenmin als degene die het Woord in zijn zak heeft. Zijn existentie wordt gedragen door een magische, symbolische wereld. Hij leeft onder een pseudoniem, slechts vooringenomen en speculatief, hij is slechts heenwijzing naar zijn totale menszijn. Het Woord kun-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1954

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 290 Pagina's

1954 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 278

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1954

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 290 Pagina's