1954 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 59
WAARDE VAN DE THEORIE VOOR INTEGRATIE IN DE CHEMIE 43 structuur van het molecuul niet een star geheel was, doch een beweeglijk systeem van kernen en electronen. Uit het voorgaande moge blijken, dat de klassieke atoomphysica wel tot bevestiging der materiële discontinuïteit en de versteviging van vele begrippen heeft geleid, doch dat ze in directe zin niet heelt bijgedragen tot de integratie van de verbanden tussen eigenschappen en structuur der moleculen. Omstreeks 1925 begint echter in de physica de ontwikkeling der moderne quantum-mechanica, die van grote betekenis blijkt te zijn voor de verklaring van vele chemische problemen. In 1925 veronderstel de Broglie G), dat naar analogie van het dualistisch karakter van het licht ook aan materiedeeltjes naast een deeltjes-, een golfkarakter zou moeten worden toegesclu'even. In 1926 komt Schrödinger ''') op andere gronden tot dezelfde gedachte. In zijn theorie wordt de deterministische beschrijving der materiedeeltjes vervangen door de beschrijving met behulp van golifuncties. De golfvergelijking komt nu in de plaats van de klassieke bewegingsvergelijking. Een direct gevolg van de nieuwe vorm van beschrijving is, dat plaats en impuls, energie en tijd complementair worden, zoals door Heisenberg ^) in zijn onnauwkeurigheidsrelaties wordt uitgedrukt. Men kan niet plaats en impuls of energie en tijd beide scherp bepalen, Schrödinger's golfmechanica bood in principe de mogelijkheid elk systeem van materiedeeltjes, waarvan het krachtveld bekend is, te beschrijven. De quantiseringsvoorwaarden, bij de klassieke beschrijving als postulaat toegevoegd, zijn bij de golfmechanische beschrijving direct in de oplossing begrepen. Zij houden direct verband met de randvoorwaarden, die het physisch probleem aan de golffunctie oplegt. Zoals Dirac 9) in 1929 opmerkt, „is dank zij de nieuwe theorie de mathematische beschrijving van het gehele gebied der chemie gegeven", doch hij voegt er aan toe, „dat de exacte toepassing der theorie tot vergelijkingen leidt, die veel te gecompliceerd zijn om opgelost te kunnen worden". Behalve voor het waterstofatoom, waarvoor Schrödinger een exacte oplossing kon geven, is voor de atomen en uiteraard ook voor de moleculen slechts een benaderde oplossing mogelijk. Voor het waterstofmulecuul werd het eerst een benaderde oplossing gevonden door Heitier en London lo). Zij kozen als uitgangspunt voor hun benadering de toestand waarin de waterstofatomen geschei-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1954
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 290 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1954
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 290 Pagina's