Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1955 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 324

3 minuten leestijd

252

M. J. ELZINGA

hem te ontmoeten in de ware zin van het woord, namelijk met hem mede-verantwoordelijk te zijn en deel aan hem te hebben. Deze objectivering drijft de naaste in de eenzaamheid en de mens zelve wordt ook eenzaam. Maar de mens is niet enkel geneigd zijn medemens te objectiveren, hij maakt ook God tot object van zijn denken. God is niet meer Degene, Die de mens wil ontmoeten, maar God is tot object geworden van de mens zelf, die meent Hem te kunnen vatten in zijn denksysteem, en Hem zelfs voor te kunnen schrijven, wat Hij moet doen. De ware Ich-Du relatie tussen God en mens is slechts dan mogelijk, indien de mens zich door God laat vinden en zich aan Hem wil overgeven. Van de mens uit gezien komt deze verhouding tot God tot stand door gebed en offer. Beide zijn nauw met elkander verbonden. Men kan wellicht zeggen, dat het gebed van de mens een worsteling is met God, waarbij hij zich, om tegenover zichzelf en tegenover de wereld staande te kunnen blijven, aan God teruggeeft. Het offer is een geschenk. De zin van het offer bestaat hierin, dat de mens zich op genade of ongenade aan God wil overgeven. Hierdoor treedt een krachtstroom in werking tussen Ontvanger en gever. Men vergete echter niet, dat er ook een pseudo-offer kan bestaan. Dit pseudo-offer, al dan niet christelijk getint, is een vorm van zelfhandhaving tegenover God, die uiteindehjk zal kunnen leiden tot een ziekte, hetzij neurotisch, hetzij psychosomatische afwijkingen en dergelijke. Hier geldt wel in bijzondere mate het bijbelwoord, dat wie zijn leven zal willen behouden het zal verliezen. Deze verhouding tussen God en de mens, waarbij de mens gesterkt door gebed en offer het leven kan leven, heeft verschillende gevolgen. In de eerste plaats wordt hij daardoor uitgeheven boven het horizontale menselijke vlak. Om bij het gedetermineerd zijn te blijven, dit krijgt niet meer het dwingende karakter van een onafwendbaar noodlot, maar wordt gezien als een van Godswege opgedragen taak, een kruis, dat blijmoedig gedragen moet worden of een opdracht welke vervuld mag worden. Vanuit het zich schepsel-weten volgen nog meer consequenties. Hierboven is gesproken over de causaliteit, de rationaliteit en de finaliteit bij het ziek zijn. Het is gevaarhjk en waarschijnlijk onjuist om deze zonder meer vanuit het menselijke vlak te transponeren in de verhouding van God tot mens. Immers dan zou men gemakkelijk tot de conclusie kunnen komen, dat een verbroken relatie tussen God en de mens evenzeer een oorzaak van ziekte is als bijvoorbeeld de tuber-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's

1955 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 324

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's