Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1955 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 316

2 minuten leestijd

ENKELE OPMERKINGEN OVER DE RAAKVLAKKEN TUSSEN DE MEDISCHE EN DE PASTORALE ZORG ') door M. J. ELZINGA

Het is een opmerkelijk verschijnsel, dat er de laatste jaren zowel van de kant van de artsen als van die van de predikanten belangstelling is gekomen voor elkanders arbeid. Nog slechts weinig decennia geleden gingen theologie en geneeskunde zo zeer hun eigen wegen, dat het niet mogelijk geweest zou zijn van raakvlakken te spreken. De medische zorg beperkte zich tot het lichamelijk welzijn van de patiënt en (later) tot de psychische hygiëne, terwijl de pastorale zorg zich richtte op de metaphysische ziel en de nadruk legde op het leven na dit leven. De op het lichamelijke en psycliische gerichte geneeskunde heeft grote successen behaald, vooral in de eerste helft van de 20ste eeuw, terwijl het zich laat aanzien, dat aan deze vooruitgang nog geen paal of perk wordt gesteld. Dat de arts daarbij ook de psyche in het oog heeft gevat in zijn relatie tot het soma, is een niet te onderschatten winst. Wellicht is dit een van de oorzaken waardoor van de kant van verschillende artsen meer openheid is gekomen voor de pastorale arbeid. Anderzijds hebben de predikanten ingezien, dat de lichamelijkheid van de mens een van de essentiële dingen van het mens zijn is, waardoor zij meer oog hebben gekregen voor de waarden van het aardse bestaan. Daar komt nog iets bij en wel dit, dat er onder de beoefenaren der geneeskunde, ondanks de grote vooruitgang op diagnostisch en therapeutisch gebied, hier en daar een zeker onbehagen wordt gevonden, dat als uiting van een onvoldaanheid moet worden opgevat. Men begrijpe dit niet zo, dat wij nog niet de oorzaak en de therapie van enkele groepen van ziekten als kanker en vaatstoomissen kennen, maar veeleer zo dat het er alle schijn van heeft, dat in verscheidene gevallen de genezing van een zieke een wel zeer tijdelijk karakter ^) Voordracht gehouden in de vergadering der Medische Sectie van 22 October 1955 te Utrecht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's

1955 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 316

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's