Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1955 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 82

2 minuten leestijd

58

J. W. BRUINS

name ook de dominante kenmerken, die zonder onderbrekingen van ouders op kinderen en kindskinderen overgaan. Terwijl de recessieve aanleg zich alleen openbaart in dubbele vorm, is bij de dominante overerving reeds één enkele aanleg voldoende om te penetreren bij de kinderen met een geringe of sterke expressiviteit. Terwijl de recessieve aanleg zich vooral openbaart bij de broers en de zusters als het gevolg van een huwelijk van twee heterozygoten, uit een dominante aanleg zich vooral bij één der ouders en bij de kinderen. Bij zuivere dominantie is 50 % van de kinderen getroffen. Beperken wij ons nu, in verband met het onderwerp, tot de morphogenetische stoornissen, dan kunnen wij aan enkele voorbeelden laten zien, dat de erfelijke overdracht een rol van betekenis kan spelen. In tegenstelling tot het gewicht van een mens is zijn lengtegroei milieustabiel en genetisch vastgelegd. Deze erfelijkheid kan zich nu ook openbaren in een pathologische groei, als gevolg van storingen in het beenderstelsel (en met name storingen in de ossificatie van de verschillende kraakbeenformaties). Hierdoor kan de afloop van de ontwikkeling sterk gestoord worden, ook in die zin, dat er een disharmonie ontstaat, doordat het ene deel van het geraamte zich normaal ontwikkelt en het andere niet. Ik denk hier met name aan een bepaalde vorm van dysproportionele dwerggroei, die men betitelt met chondmdystmphie, waarvan ik U enkele voorbeelden kan laten zien. Dwergen, die reeds lang bekend zijn, waarbij ik U slechts behoef te herinneren aan een schilderij van Juel, waarbij een Romeinse dwerg staat afgebeeld, wiens naam ook vermeld staat: Bajozzo (1773), of aan het beeldje van een Egyptische dwerggod van 700 jaar v. Chr., een typische chondrodystroof. Deze chondrodystrophie ontstaat nu als een mutatie met een frequentie van 1 op 12000 geboorten in de gemiddelde bevolking (het mutatiecijfer is dus per generatie en per gen 1 op 24000 of ongeveer 4.10—5). De mutant wordt uit normale ouders geboren, doch de afwijking wordt daarna dominant op de kinderen overgebracht, zoals uit een stamboom, b.v. die van Utah, kan worden afgelezen. Van de 109 nakomelingen hebben 36 de afwijking zeker, dat wil dus zeggen 1 op de 3 geboorten. Deze grote verschillen zijn dus wel sterk significant te noemen. Ook bij dieren kent men deze dominant overervende dwerggroei, waarbij ik denk aan rundvee en vogels. In het instituut van Tage Kemp te Kopenhagen zag ik een groot aantal gefokte dwergmuizen, zonder dysproportie. Ik noem deze erfelijk endogeen ontstane ontogenetische stoornissen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's

1955 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 82

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's