1955 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 56
36
G. A. LINDEBOOM
de waarde van het Christendom voor de ontplooiing van de geneeskundige wetenschap en de verpleging van zieken, maar, dat alles erkennend, komt hij in het vierde deel „even beslist terug op zijn stellig beweren, dat de medische actie zeker niet aan Golgotha, maar aan de Schepping, of, klaarder nog, aan de natuurlijke reactie van het creatuur tegen de breuke, die èn de machtigste geest èn op diens verlokking de mens in de Schepping sloeg, haar ontstaan dankt". In een beeldrijke passage schildert hij het verval van de oorspronkelijk gave Schepping, die nu door uitbarstingen van vulcanen als de Krakatau geteisterd wordt, en waarin „de doorn en distel groeit naast roos en anjelier". „Krankheid is inbreuk op de gaafheid en gezondheid van wat oorspronkelijk gegeven was, en daarom is de geneeskunde, de heelkunde, de verloskunde, of wat Gij wilt, niet anders dan een vanzelf werkende reactie, die uit wat de Schepping oorspronkelijk was tjegen al wat haar stoorde en verstoorde opkomt". „Alle poging om wat krank was geestelijk aan te grijpen leed daarom schipbreuk". Zenuwexcessen en zielsaandoening daarlatend, „behoort wat metterdaad phvsiek te genezen of te helen viel, uitsluitend onder de Gemene Gratie". Ondanks de duidelijke inspiratie en de begunstiging van de ontwikkeling der geneeskunde door het Christendom, plaatst Kuyper hier dus de geneeskunst, en voor zover ik zie, ook de geneeskunde, op het veld der algemene Genade. Ook de Franse Calvinist Dr André Schlemmer gaat in deze richting, als hij zegt; „que, par Sa Grace Générale, Dieu endigue et prévient les consequences désastreuses du péché; q u l l utilise pour cela les dons, qu'Il donne aux hommes", en tot die gaven de geneeskunst rekent 18). Deze visie wordt zowel bij Schlemmer als bij Kuyper en Paracelsus op de geneeskunde toegepast en nader toegelicht vanuit de werkzaamheid der natuur. Schlemmer gaat uit van de Goddelijke Providentie, die de natuur niet als machine geschapen heeft, maar nog dagelijks onderhoudt, en aan de levende organismen als het ware iets van zijn kracht heeft gedelegeerd i9). In het levende organisme geschiedt alles, alsof een intelligente kracht dirigeert, coördineert, repareert, herinnert en aanpast. In zulk een finale beschouwing past ook de ziekte. Bij Hippocrates is de phusis van het organisme de geheimzinnige eenheid, die ook streeft naar het herstel van de ziekte. („De naturen (gestellen) zijn de artsen der ziekten"). Sydenham beschouwde de ziekten als poging van de natuur om de ziekteoorzaak, de noxe, te overwinnen en te eli-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's