Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1955 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 98

3 minuten leestijd

72

R. HOOYKAAS

tekenis van elke wetenschap, ondanks de zeer onvolledige kennis. Bovendien verwondert d e beperktheid onzer kennis ons niet, w a n t „ E r is toch geen doorgronding van Zijn verstand", en niets is begrijpelijker dan dat ;,een mensch het werk, dat God gemaakt heeft, niet kan uitvinden van het begin tot het einde". Ook ontmoedigt zij ons niet, want in het geloof h e b b e n w e de zekerheid, dat we eens tot een zuiverder en heerlijker kennis van d e werken Gods zullen geraken dan in deze bedeling ooit mogelijk is. „Zoo beschouwd, leidt ons zoowel het „ignorabimus", als het „wij zullen weten", tot het: Soli Deo Gloria!" Zijn studenten wenst Roozeboom dan toe, dat hun onderzoek van de geheimen der schepping als hoogste voldoening zal kennen eenzelfde verheffing van het hart tot de Schepper als Clark Maxwell, de beroemde Engelse natuurkundige, bezielde, toen hij bad: „Leer mij U w waarheid zó te lezen, dat mijn geloof in sterkte toeneemt en van deze wereld voortschrijdt naar de a n d e r e . . . . en mijn geest, doordrenkt met U w waarheid, uitroept: God, onze Heer, is waarlijk God!" Ook in Aken, op d e 72e „Versammlung Deutscher Naturforscher u n d Aezte", dus temidden der Haeckels en Ostwalds, eindigt hij een enthousiast overzicht van de betekenis der phasenleer met de woorden: ,,En hoe verder wij doordringen in inzicht in deze samenhang, hoe meer wij daarin zien de openbaring van de verheven gedachte van de Schepper, wiens handschrift te lezen onze taak en tevens onze beloning is" *). Uit deze woorden blijkt, dat Bakhuis Roozeboom een waardige plaats inneemt in de reeks van natuuronderzoekers uit reformatorische kring, die het hun christenplicht achtten niet alleen het Boek der Schrift, maar ook het Boek der Schepping te lezen als men daartoe de talenten ontvangen heeft en voor wie het Soli Deo Gloria niet op een vaandel geborduurd, maar in het hart geschreven was. Ook het christelijk gemeenschapsleven had Roozeboom's liefde : d e kerk (in Leiden was hij diaken der gereformeerde kerk) en in het bijzonder het christelijk hoger onderwijs. Van het gereformeerd gymnasium in Zetten was hij president-curator. Toen d e Vrije Universiteit opgericht werd, bood de jonge Roozeboom, toen nog slechts chem. cand., aan Kuyper zijn diensten aan, in een brief gedateerd 19 April *) „Und je welter unser Bliek in die Erkenntnis dieses Zusammenhanges elndrlngt, je mehr sehen wir darln die Offenbarung der erhabenen Gedanken des Schöpfers, dessen Manuskript zu lesen zu glelcher Zeit unsere Aufgabe und unser Lohn 1st."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's

1955 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 98

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's