Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1955 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 234

2 minuten leestijd

176

T. DEKKER

in Utrecht studeerde, had colleges gevolgd bij van Musschenbroek en in Leiden korte tijd de colleges van Boerhaave en 's Gravesande bijgewoond. Twaalf jaar lang hield hij voordrachten voor een „vriendenkring", voornamelijk uit geïnteresseerde kooplieden bestaande. Zijn ,,Afscheidsredevoering over de voornaamste voorwerpen der Natuuren bespiegelende ontleedkunde" (Utrecht, 1746) geeft een overzicht van wat Stocke zijn toehoorders voordroeg; het is in hoofdzaak navolging van het leerboek van van Musschenbroek, de lessen van Desaguliers, en de „Elementa Chemiae" van Boerhaave. Na een kort verblijf in Utrecht, vestigde hij zich als specialist in de behandeling van keelziekten in Rotterdam (1747) en begon ook daar met natuurkunde-lessen: een taak die hij vijftien jaar pro deo vervulde. Zijn wijsgerige studies culmineerden in „Zelfskennis of redekundige bespiegelingen over den mensch" (Utrecht, 1758), een felle aanval op het materialisme, met name op Lamettrie's tractaat „l'Homme machine". In de laatste jaren van zijn leven wijdde Stocke zijn ijver nog eens aan een „genootschap": nu voor lessen in de wijsbegeerte. De wijsgeer en geneesheer waren in hem sterker dan de amateurphysicus: te midden van zijn wijsgerige bespiegelingen vervlakte bij hem de verwijzing naar de grootheid van de Schepper tot cliché i''') en reduceerde het experiment zich van daad tot naam. Van de vele leraren, die voor genootschappen optraden, was Stocke misschien wel de eerste, maar niet de brilliantste. Ze vormen een bonte rij, waarin de amateur zijn plaats geleidelijk aan moest afstaan aan de vak-hoogleraar. Bij het Bataafsch Genootschap voor Proefondervindelijke Wijsbegeerte te Rotterdam (1769) trad L. Bicker i s) van 1769-1799 op als lector in de natuurkunde, daarbij in hoofdzaak Nollet en Desaguliers volgend. „Felix Meritis" (Amsterdam, 1777) benoemde Aeneae lo) tot lector in de natuur- en scheikunde, en nodigde de hoogleraren Bonn en van Swinden vaak uit om voordrachten te houden ^o). In Middelburg gaven Leendert Bomme en vijf predikanten, waaronder C. H. D. Ballot 21), geregeld lessen aan het Natuurkundig Gezelschap (1780). Doctrina et Amicitia (Amsterdam, 1788) genoot de steun van Aeneae, van Swinden en Krayenhoff. Teyler's genootschap (Haarlem, 1778) benoemde van Marum tot lector. Het Natuurkundig genootschap te Leeuwarden (1795) liet zijn leden beurtelings lessen geven 22), het genootschap in Zutphen (1796) vond in H. J. Beusekamp, een door Martinet onderwezen godsdienst-onderwijzer, een natuur-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's

1955 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 234

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 336 Pagina's