Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1956 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 334

2 minuten leestijd

276

G. J. SIZOO

tot zijn kwantitatieve onderzoekingen van de verdampings- en condensatieverschijnselen en deze metingen brachten hem tot het inzicht in de latente warmte. Eerst door dit van B l a c k vernomen inzicht, kon de werktuigkundige J a m e s W a t t , toen hij in het natuurkundig kabinet van de Universiteit van Glasgow het, reeds in de mijnbouw toegepaste „vuurkrachtwerktuig" van N e w c o m e n onder handen kreeg, komen tot zijn vinding van de afzonderlijke condensor, die het stoomwerktuig tot een economisch bruikbare machine maakte. Terwijl het natuurkundig inzicht in de warmteverschijnselen nog in de kinderschoenen stond, was door deze weloverwogen combinatie van mechanica en warmteleer voor de samenleving een nieuw verschiet van mogelijkheden geopend, waarvan de realisering het aangezicht der maatschappij en van het sociale leven ingrijpend zou veranderen. Het zou nog bijna een eeuw duren eer de natuurkunde een tweede resultaat van haar methodische ontsluiting der natuur, van even vérstrekkende betekenis, in de samenleving zou kunnen introduceren. De electriciteit, in de achttiende eeuw nog geheel in de windselen van vage begrippen besloten, maar niettemin reeds voorwerp van systematisch en kwantitatief onderzoek, kon pas in de tweede helft der negentiende eeuw, na Faraday's ontdekking der inductie, met krachtige tred het maatschappelijk terrein betreden. De natuurkimde had inmiddels haar inzichten in de begrippen van kracht, arbeid en ardbeidsvermogen en in het behoud van energie tot klaarheid gebracht. Van het gezichtspunt der energie uit gezien was de stoommachine allereerst het middel om het in de natuur potentieel aanwezige arbeidsvermogen lokaal in mechanische arbeid om te zetten, vervolgens, door de ontwikkeling van de locomotief, om deze arbeid ook aan het regionaal transport van materie dienstbaar te maken. De combinatie van stoom en electriciteit, door de verbinding van turbine en electrodynamo, ontplooide tenslotte de mogelijkheid energie als zodanig te distribueren. Materie en energie zijn de meest universele begrippen der natimrkunde, de ontsluiting der mogelijkheden van materie en energie zijn ook de meest essentiële factoren in de industriële revolutie, die uit de achttiende-eeuwse ontmoeting van natuurkunde en samenleving resulteerde. Nadat de natuurkunde door haar methodische en kwantitatief gefundeerde vormgeving van het mechanische werktuig en de ontwikkeling van de stoommachine haar grote energetische bijdrage tot deze revolutie had geleverd, was het in de negentiende eeuw vooral de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's

1956 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 334

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's