1956 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 185
ETHISCH-KELIGIEUS ASPECT DER KUNSTM. INSEMINATIE
149
Dankbaar accepteert men daartegenover dan de hulp, die de moderne wetenschap, gelijk op zo menig ander gebied, zo ook hier ons kan bieden, om, waar normale bevruchting, door welke oorzaak dan ook, onmogelijk bleek, toch het langs de weg van kunstmatig inbrengen van het sperma, hetzij van eigen echtgenoot, hetzij van een z.g. donor, tot mogelijke bevruchting te leiden. Normaal is deze weg, dat geeft men toe, niet; maar op zo menig ander punt hebben wij nu eenmaal niet geheel normale compromisoplossingen aanvaard. Waarom zouden wij dat dus hier niet doen? Door verreweg de meesten echter, ook van de zijde van niet-christenen, maar vooral toch wel vanuit de kringen van het kerkelijk christendom, is de kunstmatige inseminatie, althans de heterologe, tot dusver zo beslist mogelijk afgewezen. Een duidelijk geluid heeft men vooral wel van r.k. zijde laten horen. De homologe kunstmatige inseminatie hebben sommige katholieke artsen en moraal-theologen toegelaten, althans onder bepaalde condities, in zover het daarin slechts gaat om het hulp verlenen bij een actio naturalis, n.l. die van het normale huwelijksverkeer. Het sperma behoudt hier zijn intrinsieke doelgerichtheid; er vindt alleen iets plaats om te bevorderen, dat het zijn doel effectief bereikt. Volstrekt anders is het met de eigenlijke heterologe kunstmatige inseminatie. Deze is o.a. door de paus in een op ons vraagstuk betrekking hebbende uitspraak nadrukkelijk als volstrekt immoreel, „in zich zondig", veroordeeld. God heeft nu eenmaal in aard en natuur, in werkzaamheid en doelstelling der sexualiteit voor ons de normen uitgedrukt, waaraan iedere sexuele daad intrinsiek gebonden is. En daarmee is de kunstmatige inseminatie onvoorwaardelijk in strijd. Er wordt hier immers een procreatieve poging gedaan zonder de normale generatieve daad, die voor de procreatie alleen de wettige weg betekent i). Wij hebben hier te doen met de bekende r.k. natuurrechtelijke argumentatie, zoals wij die b.v. ook kennen in de strijd van r.k.-zijde tegen de anti-conceptionele middelen: ongeoorloofd is alles wat niet beantwoordt aan de van God gegeven natuurorde 2). Hoogstens mag de mens, waar dat nodig is, die natuurorde te hulp komen; maar overal, waar men daarvan afwijkt of daartegen ingaat, gelijk dat bij de kunstmatige inseminatie het geval is, begaat de mens een overtreding tegen de goddelijke zedewet en handelt hij dus zondig. Het ligt voor de hand, dat, waar wij als protestanten deze r.k. natuurrechtsgedachte niet onderschrijven, ons standpunt ten opzichte van de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's