1956 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 132
104
A. W. J. H. HOITINK
streve er dan naar meer de bemiddelaar te worden voor het ontbieden van een gepaste geestelijke gids en hij trede niet op als persisterend surrogaat van zielzorger. Alleen noodgevallen kunnen een zekere substitutie op dit gebied rechtvaardigen, zoals ook de niet-medicus bij ontstentenis van deskundige hulp op medisch terrein zo goed mogelijk zal trachten te helpen. Men behoeft niet ver te zoeken om te ontdekken hoe de vrees voor de dood onder ons mensen rondwaart. Doodsangst wordt ook bij dieren aangetroffen, maar vrees voor de dood kent alleen de mens. Deze vrees, die zich op vele wijzen en in verschillende vormen kan openbaren, heeft dan betrekking op wat na de dood gaat komen, maar veel meer nog op het gebeuren bij het sterven of op de voorstelling, welke men zich daarvan maakt. Ze is begrijpelijk, want ook de mens, die een bepaalde visie op de dood heeft, kan zich toch in zijn binnenste in bange vrees afvragen hoe de ' ontmoeting met zijn eigen dood zal zijn, als deze in volle werkelijkheid zeer nabij wordt vermoed of geweten, en wat voor sterven hem beschoren is. Sterven is een volstrekt individueel gebeuren en persoonlijk „beleven", waarbij elke reële voorlichting wordt ontbeerd en in dit besef kunnen de voorwaarden liggen voor een vrees. Een schematiserende wetenschap zal in dit uiterst persoonlijke weinig kunnen zeggen en haar is bovendien op het terrein van het sterven slechts een sterk beperkt ken-gebied toegewezen. Alleen in de sfeer van het geloof kan hier balseming liggen en slechts een eigen levend geloof kan sterven en dood doorlichten en verlichten. Uit het algemene, dat wetenschap en ervaring over het sterven te berde kunnen brengen, wil ik iets naar voren halen. In de eerste plaats moeten wij opmerken dat het sterven vermoedelijk anders wordt „ondervonden" dan het imponeert op de toeschouwers. Voorts mogen wij vaststellen, dat — naast angst en doodsstrijd — vaak euphorie i) en ook apathie, een barmhartige sluiering van het bewustzijn en een vredig inslapen worden gezien. De dood kan zacht zijn als het gebaar van een moeder, die haar hand op het hoofd van haar rusteloos woelend kind legt en het in slaap brengt. Wij kennen ook de plotselinge dood zonder agonie en bij de bejaarde mens zien wij vaak het geleidelijk uitdoven van de levensvlam met ontbreken van een doodsstrijd. ^) Gevoel van welzijn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's