1956 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 323
HET VIERDE CONGRES ONZER VERENIGING
265
L. Algera en prof. dr. J. Lever. In de daarop volgende sectievergadering spraken dr. K. Hartsuyker over „De ontwikkeling der phytopathologie als wetenschap", prof. dr. L. van der Pijl over „Zaad en vrucht in tropisch licht" en prof. dr. K. H, Voous over „Het dynamisch element van het soortbegrip in de zoögeografie". In de natuurfilosofische sectie spraken dr. J. Blok over „Schepping in de moderne fysica" en dr. G. J. Hoijtink over „De theoretische chemie in Rusland onder invloed van het Stalinisme". Na de lunch hield de voorzitter der Vereniging, prof. dr. P. Groen, in de 2e algemene vergadering een voordracht over „Geloof en Wetenschap in dezen tijd", waarin hij een groot aantal problemen in vogelvlucht beschouwde, waarvoor de verhouding van geloof en wetenschap wel soms misschien wat anders lag dan voor onze voorgangers, maar niet minder essentieel was en wier bestudering in de komende jaren veel van de krachten onzer Vereniging zou vragen, maar haar inspanning ten volle waard zou zijn en met vrucht zou belonen. De sluiting van het Congres was opgedragen aan het oudste lid der Congrescommissie, prof. dr. H. R. Woltjer. Spreker dankte allereerst de leiding van het natuurkundig en scheikundig laboratorium en evenzo die van de andere instituten voor de uitnemende ontvangst, voorts de sprekers allen gezamenlijk ,de deelnemers voor hun medewerking, het personeel der laboratoria voor hun hulp, de drukker van „Geloof en Wetenschap, de heer Kleijwegt, die zijn belangstelling getoond had door een mooie cyclamen en eindelijk de secretaris van de Congrescommissie dr. G. J. Hoijtink, wiens vele en veelsoortige werkzaamheden en bemoeiingen zoveel hebben bijgedragen tot het welslagen van het Congres. — De sfeer van het Congres trachtende te kenschetsen, meende spreker, dat we vooral geconfronteerd werden met onze verantwoordelijkheid, een noodzakelijke, maar ook heilzame confrontatie. Dat begon al dadelijk ten opzichte van onze doelstelling en onze grondslag in het openingswoord. Maar ook in de algemene voordrachten, in de een wat meer, in de ander wat minder, kwam de uitdaging — zoals het tegenwoordig vaak genoemd wordt als weergave van het zo moeilijk vertaalbare „challenge" — tot ons. We mogen niet weglopen van onze plaats in de maatschappij of a priori al ons daaraan onttrekken; we moeten de vragen niet ontwijken, maar eerder ze opzoeken; we hebben wat te geven of we hebben het niet en in het laatste geval zouden we beter doen onze Vereniging op te heffen. Maar
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's