1956 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 189
ETHISCH-RELIGIEUS ASPECT DER KUNSTM. INSEMINATIE
153
nood en het leed van een kinderloos huwelijk (eventueel van de ongehuwde en daarom kinderloze vrouw). Wat dat laatste betreft, daarmee zullen wij nu maar niet al te uitvoerig ons bezig houden. Het merendeel immers van hen, die de kunstmatige inseminatie verdedigen, zullen dat toch nog wel niet doen, als het ongehuwde vrouwen betreft. En wat het andere geval, de kinderloze huwelijken, aangaat, ongetwijfeld, over het verdriet, dat het daar kan betekenen, dat het vurig verlangde kind uitblijft, zullen wij niet lichtvaardig oordelen. Evenals tegenover het kruis, dat de ongehuwde staat kan betekenen, zullen wij ook hiertegenover, vooral als Christenen, met volop begrijpende liefde hebben te staan. Maar dat betekent nog niet, dat wij daarom zullen verdedigen elk willekeurig middel, dat men meent te mogen aanwenden om dat leed weg te nemen en zich zelf zo wat men zo sterk begeert eigenmachtig te verschaffen Inderdaad, op allerlei punten zijn wij door de vooruitgang van de wetenschap in het algemeen en niet het minst van die der medische wetenschap, in staat om leed, dat vroeger niet weg te nemen was, thans wel weggenomen te krijgen. En binnen bepaalde grenzen zullen wij daarvan een dankbaar gebruik mogen maken als van middelen, door God in Zijn goedheid ons verleend om gevolgen van de zonde in ons leven te overwinnen. Maar dat geldt dan ook slechts binnen bepaalde grenzen. En niet elk middel om leed in ons mensenleven weg te nemen mag door ons gebezigd worden. De medische wetenschap kan veel, maar ze kan niet alles. En evenmin als ze alles kan, evenmin mag ze alles. Als ze zou proberen leed weg te nemen, maar zó dat hoog geestelijk-zedelijke belangen van de mens daarbij in het gedrang kwamen, en nog meer zó dat de heilige levens- en wereldorde Gods daardoor zou worden geschaad, dan heeft ze zich te onthouden en mag ze de middelen, die haar daarvoor ten dienste staan, in geen geval aanwenden. Er is nu eenmaal allerlei leed, dat door een mens aanvaard moet worden. En als de middelen, door God toegestaan, om leed weg te nemen, niet tot het gewenste doel leiden, dan begint de roeping om het om Gods wil aanvaarden. Dat geldt nu, menen wij, ook ten opzichte van het kinderloze huwelijk. In het O. T. lezen wij van bepaalde vrouwen die diepzinnige uitdrukking, dat zij geen kinderen hadden, omdat God haar baarmoeder had toegesloten. Hier wordt het verwekken van nieuw leven wel zeer in het bijzonder op de goddelijke voorzienigheid betrokken. En nu
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's