1956 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 39
CRITERIA DER GEESTELIJKE VOLKSGEZONDHEID
23
ments". Toch blijft zich hier de vraag voordoen, waaraan men deze gezondheid kan aflezen. Vaak is het reeds in het lichamelijke vlak moeilijk te bepalen of iemand werkelijk gezond is. Op het gebied van keurings- en verzekeringswezen doen zich hier vele problemen voor. Langzamerhand is men dan ook gekomen tot een meer functionele bepaling van het begrip „gezond". Gezond is absolute zin is wellicht niemand. Men gaat de eisen hieromtrent wat lager stellen en brengt de functionele aspecten naar voren. De eigenlijke vraag, die hier rijst, is dan deze: kan iemand het geheel van zijn levensfuncties zowel op lichamelijk als op psychisch en sociaal gebied op bevredigende wijze vei-vullen. Op dit woord „vervullen" mag wellicht nog even de nadruk worden gelegd. In dit verband is dit een uitstekend woord. Bij het functioneren gaat het immers niet alleen om het automatisch verrichten van bepaalde functies, maar veel meer om het „vullen", het „vol maken" van het levensterrein, dat iemand ter beschikking is gesteld. Wanneer men zijn taak werkelijk vervult, betekent dit, dat deze taak wordt volgemaakt en vervuld tot die dimensie welke in die taak oorspronkelijk gegeven is. Met dit functioneren van de mens is dan ook altijd een persoonlijk aspect verbonden. Geestelijk gezond is men alleen dan, wanneer een taak of functie niet alleen „verricht" wordt, maar zoveel mogelijk van uit de persoon zelve gevuld wordt met een creativiteit, welke inderdaad iets nieuws in deze taak aanbrengt. Naast dit functionele en creatieve aspect van de gezondheid komt nog een dynamische factor naar voren. Wanneer iemand werkelijk gezond is, moet hij ook voldoende spankracht hebben om eventueel optredende moeilijkheden en conflicten in zijn leven te kunnen verwerken. Ook dit verwerken betekent niet alleen maar een door de moeilijkheden heenkomen, maar veel meer ook een groeien, juist dóór deze moeilijkheden. II.
CRITERIA VAN DE GEESTELIJKE VOLKSGEZONDHEID.
Hetgeen wij hierboven uiteengezet hebben is zeker niet zonder meer over te dragen op het gehele vraagstuk van de geestelijke volksgezondheid. Wij vroegen ons reeds af wanneer een volk geestelijk gezond genoemd kan worden. In dit verband is het echter toch wel goed een functioneel dynamisch gezichtspunt als een zekere maatstaf te gebruiken. Men kan zich bijvoorbeeld afvragen of het Nederlandse, het Franse, of het Duitse volk als geestelijk gezond beschouwd kunnen worden en in het ene geval meer, in het andere minder, zal men
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's