Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1956 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 57

2 minuten leestijd

HET ONTSTAAN VAN HET LEVEN OP AARDE i) door J. E. SCHULTE Het ontstaan van het leven is een onderwerp, waarover iedere natuuronderzoeker en iedere arts, welke ook zijn studierichting zij, zich een oordeel heeft te vormen; het is een der fundamentele vraagstukken der biologie, ja, der natuurwetenschappen. Mij persoonlijk interesseert het al van mijn studententijd, toen aan een lezing over „generatio spontanea" op verzoek van onze Voorzitter van destijds in plaats van één twee avonden werden besteed; was destijds de student niet in mindere mate aan afleiding van allerlei aard onderhevig? De reden van mijn interesse zal U uit het volgende duidelijk worden. Als inleiding diene nog een summier overzicht van het vraagstuk der zelfwording. Het had zijn ups en downs; het werd verdedigd in de Oudheid, in de Middeleeuwen en later. In de 17de eeuw verloor het terrein, doch won dit weldra terug, totdat het in de 19de eeuw als onderwerp van wetenschappelijk onderzoek scheen opgegeven te zijn. Doch in onze eeuw kwam het weer tot nieuw leven, zelfwording van het zelfwordingsvraagstuk, waarover nu de opvattingen nog zeer uiteengaan. Hiermede kom ik tot punt b van mijn overzicht: Wat is leven? Onnodig te zeggen, dat dit woord een veelzinnige term is. Op menig punt van deze stad kan men zeggen: Wat een leven! Er is daar wetenschappelijk leven en hoger geestelijk leven. Doch ons onderwerp heeft betrekking op stoffelijk leven („bios"), concreet beschouwd, op het levend wezen. De ervaring doet ons de eigenscJiappen van het leven kennen, gelijk stofwisseling, waarbij voedsel tot eigen bestanddeel („simiHs") wordt door assimilatie. Het leven is discontinu door de grens aan elk levend wezen gesteld (telkens herhaalt zich het cyclische beloop), maar tevens continu door voortplanting en erfelijkheid, d.i. de totstand-koming van een onvoltooid wezen met potentialiteit, hetgeen van belang is in verband met het virus-vraagstuk, waarover later. Andere eigenschappen van het leven, zoals de groei e.a., blijven ter zijde. 1) Voordracht gehouden in de vergadering der Christelijke Vereniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland op 10 december 1955 te Amsterdam.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's

1956 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 57

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's