Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1956 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 40

2 minuten leestijd

24

A. L. JANSE DE JONGE

tot een bevredigend antwoord komen. Uit de loop der geschiedenis blijkt immers, dat deze volken zich op bevredigende wijze in het geheel der volkerengemeenschap weten te handhaven en dat zij elk op hun wijze van een zekere creativiteit en aanpassingsvermogen hebben blijk gegeven. Vraagt men zich af of een volk als het Spaanse als geestelijk gezond kan worden aangemerkt, dan wordt de beantwoording moeilijker. Juist hier treft men een manco aan van aanpassing, creativiteit en functioneren in groter verband. Dit is te meer opvallend, waar Spanje eeuwen geleden een zeer voorname positie in de wereld innam. Men kan zich dan gaan afvragen, welke oorzaken hier aanwezig kunnen zijn. Toch is de vraag, of men vanuit een positief gezichtspunt door het aanleggen van bepaalde positieve normen de gezondheid van een volk kan bepalen, hiermede niet beantwoord. Het overbrengen van typisch medische of psycliiatrische criteria op grotere gemeenschappen stuit altijd op bezwaren. Erich Fromm heeft vorig jaar een interessant werk gepubliceerd, getiteld „The sane society", waarin de vraag of men gezondheidscriteria kan overbrengen op grotere maatschappelijke verbanden, eveneens ter sprake komt. Ik kom hierop nog nader terug. Meestal wordt het probleem van de geestehjke volksgezondheid meer van negatieve zijde benaderd. De positieve criteria zijn vrat vaag en verliezen veel van hun betekenis, wanneer zij op een grotere gemeenschap worden toegepast. Als negatieve criteria beschouwt men meestal factoren, die binnen het geheel van een bepaald volk een duidelijk negatief karakter dragen. Als zodanig treft men factoren aan van zuiver sociale aard, zoals het probleem van het woningtekort, dat van de loonverhoudingen, de politieke verhoudingen e.d. Daarnaast de factoren, die een meer pathologisch karakter dragen, zoals criminaliteit, zelfmoord, alcoholisme, verwaarlozing van kinderen e.d. Voorts wordt gelet op een aantal factoren, die op de grens liggen van normale en pathologische sociale verhoudingen, zoals de achteruitzetting van bepaalde bevolkingsgroepen, b.v. negers, joden, en in Spanje de protestanten; verder van kinderbescherming, jeugdcriminaliteit enz. Wil men komen tot een juiste beoordeling van de gezondheid van een bepaald volk, dan zullen deze sociaal-pathologische factoren zwaar meetellen. Men komt dan meestal tot een gedifferentieerd beeld, waarbij men de vraag omtrent het al of niet gezond zijn van het volk als geheel verder buiten beschouwing laat. Er mag echter op gewezen worden, dat deze verschillende factoren,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's

1956 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 40

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1956

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 356 Pagina's