Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 153

3 minuten leestijd

126

A. L. JANSE DE JONGE

voorstellingen, zoals die van de reflexleer en van de starre localisatie in het zenuwstelsel. Door zijn studies over de sensibiliteit, de optische waarneming en de beweging werd hij er toe gedrongen nieuwe principes van onderzoek te ontwerpen en hij heeft deze inderdaad gevonden. In zijn conceptie van de ,,Gestaltkreis", waarop ik nog nader terug kom, heeft von Weizsacker de grondslag gelegd voor de functionele beschouwingswijze in de theoretische neurologie en heeft hij de statische en dynamische aspecten van het leven in één greep trachten te verenigen. Hij deed dit door er met nadruk op te wijzen dat ook in de zintuigelijke waarneming motorische componenten zijn en dat anderzijds in elke beweging een zintuigelijke waarneming vervlochten is. In 1941 vond hij een officiële erkenning van zijn werk door de benoeming in Breslau als opvolger van de beroemde onderzoeker Otfrid Foerster. In zijn boek „Natur und Geist, Erinnerungen eines Arztes", dat in 1944 geschreven is, maar pas 10 jaar later gepubliceerd werd, geeft von Weizsacker een boeiend overzicht over zijn innerlijke en wetenschappelijke ontwikkelingsgang. Hij doet dit aan de hand van een terreinverkenning van de voornaamste gebieden waarop hij zich in zijn leven bewogen heeft. Na een interessant hoofdstuk over Johannes von Kries en over de verdiensten en de tekorten van de oude zintuigphysiologie, zoals die tot ca 1910 in de Duitse laboratoria bedreven werd, maakt hij duidelijk dat de philosophie na 1906 steeds meer beslag op zijn geest ging leggen. Rickert, die de familie von Weizsacker goed kende, vroeg hem of hij reeds wat meer aan philosophie gedaan had. Toen het antwoord ontkennend moest luiden, werd het besluit genomen een aantal semesters in het seminarium van Windelband in Heidelberg te volgen. In dit seminarie zaten met hem aan de voeten van de leermeester de jonge Ebbinghaus, voorts Hans Ehrenberg en de jonge gravin Leonie Keyserling. Windelband wist bij de toehoorders op zeer levendige wijze de philosophische belangstelling te wekken en de verleiding werd voor von Weizsacker groot de geo

o

n

neeskunde te verlaten en philosoof te worden. Windelband was voor dit plan wel geporteerd. Achteraf zegt von Weizsacker dat de inleiding in Kant voor hem van grote betekenis is geweest en dat de critische inleiding in de philosophie het hem mogelijk gemaakt heeft ook in latere jaren theoretisch wetenschappelijke problemen zuiver en scherp te stellen. Hij kwam echter tot de overtuiging dat het menselijk bestaan niet alleen langs deze weg te vatten is, en vanuit deze overtuiging nam hij het besluit medicus te blijven en aan de philosophie vooral een critische plaats in zijn leven en denken in te ruimen. Vanaf deze tijd

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 153

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's