1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 295
242
G. J. HOIJTINK
is, dat ze slechts in enkele gevallen en dan nog vaak zeer benaderd tot een kwantitatief resultaat voert, doch dat men in de praktijk met veel meer gecompliceerde problemen geconfronteerd wordt, waarvoor de theorie geen kwantitatieve oplossing kan geven. Zij vergeten echter, dat de kwantitatieve resultaten, op een bepaald gebied verkregen, het inzicht in de structuur der verbindingen in het algemeen verdiept en daardoor een kwalitatieve interpretatie mogelijk maakt op een theoretisch minder toegankelijk terrein. Van hoe grote waarde is de kwantitatieve behandeling van het waterstofmolecule niet geweest voor het inzicht in het wezen van de chemische binding in het algemeen? En heeft de zojuist genoemde behandeling van w -elektronen systemen niet in belangrijke mate bijgedragen tot een juister inzicht in de structuur van de aromatische verbindingen? De organische en anorganische chemie hebben door de ontwikkeling van de quantummechanica een gemeenschappelijke basis gekregen. Het onderzoek naar de structuur van anorganische complexe verbindingen heeft duidelijk getoond, dat er geen principieel verschil bestaat tussen de structuur van organische en anorganische verbindingen. Een groot bezwaar van de quantummechanica is echter, dat de toepassing ervan een grondige kennis van de moderne fysica vereist, waarin de opleiding van chemici aan de Universiteiten helaas niet voorziet. Door velen voor wie de wiskunde en fysica niet hun sterkste kant is, wordt de organisch-chemische richting gekozen, terwijl juist voor deze richting de quantumtheoretische beschrijving van zo grote betekenis is. Het gevolg is, dat vele organici eigen wegen zoeken om de theoretische beschrijving dienstbaar te maken aan het organischchemisch onderzoek. De resonantietheorie van Pauling, gebaseerd op de voor de organicus zo vertrouwde klassieke structuurformules, wordt te pas en te onpas gebruikt om het chemisch gedrag der organische verbindingen te „verklaren". De enige jaren geleden door de Russen op de resonantietheorie uitgeoefende kritiek, moge, voorzover het de theorie betreft, niet juist zijn, voor wat de toepassing aangaat is ze volkomen terecht. Het gebruik van benaderingsmethoden zonder dat men de consequenties van de toegepaste benaderingen voor het eindresultaat overziet, moet tot foutieve conclusies leiden. Voor het Hoger Onderwijs ligt hier een belangrijke taak. Men mag de jongere generatie niet onwetend laten van een theorie die van zo fundamentele betekenis is voor het gehele gebied van de chemie. Juist in een tijd, waarin de specialisatie steeds verder in het wetenschappelijk onderzoek doordringt, is het van het grootste belang dat
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's