Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 343

4 minuten leestijd

286 relden aan, m elk dezer werelden is daar openbaring telkens overeenkomstig het eigen karakter der betreffende wereld Wanneer dan het geloof zich richt op de aan de wereld van het geloof voorafgaande kosmische werelden, heeft het als object m elk dezer werelden m eenmaal, m een ,,geloofs-akt", zowel het kosmische m een wereld, als hetgeen in dat kosmische geopenbaard is, dat is dus zowel het kosmische, als God, Die zich m al het kosmische openbaart" Wat dan het begrip wereldbeeld betreft, geeft schrijver een beschouwing, die uitloopt op de volgende definitie Een wereldbeeld is de objectivering van de stoffelijke wereld m een volgende wereld of m volgende werelden, tot en met de logische wereld (Het woord „volgende ' moet hier worden opgevat als volgende m de logische rangorde) Er zijn dus volgens deze definitie een biotisch, een psychisch en een logisch wereldbeeld, en combinaties van deze Tenslotte volgt een historie-beschouwing, waarin wordt gesteld, dat m de loop der geschiedenis een voortgaande differentiatie, een ontploomg van telkens volgende ,werelden" (die inmiddels ook tevoren reeds aanwezig waren) optreedt Daarbij aansluitend wordt dan m het gehele verdere deel van het boek een uitgebreid historisch onderzoek van de ontwikkeling (niet uï de traditioneel-evolutionistische zm) der wereldbeelden gegeven — het biotische wereldbeeld, het psychische wereldbeeld, het logische wereldbeeld — en zulks voortdurend m het licht van wat ons m de bijbel meegedeeld wordt Dit deel verder te bespreken zou nog veel meer ruimte voor deze boekbespreking vragen Ik wil dit dan ook met trachten te doen, doch liever nog enige opmerkingen n a v het algemene gedeelte maken Laat ik dan beginnen met op te merken, dat dit boek m i een uiterst waardevolle bijdrage tot een christelijke wijsbegeerte vormt De schrijver geeft blijk van een grote denkkracht en van een vermogen tot originele conceptie Bovendien weet hij zijn gedachten zeer helder

BOEKBESPREKING m een verzorgde en beeldrijke taal mede te delen Een en ander neemt natuurlijk met weg, dat ei op verschillende plaatsen wel bedenkingen zijn te maken Allereerst zou ik willen opmerken, dat het verschil in opvatting tussen de auteur en de gereformeerde theologen, die hij m het begin van het boek bestrijdt, toch niet zo groot IS als hij het doet voorkomen ZIJ hebben het begrip ,,wereldbeeld" m een engere zin genomen dan de schrijver heeft gedaan, namelijk m de zm van een natuurwetenschappelijk wereldbeeld Dat ZIJ tijdens het debat van destijds bij de negatie van het voorkomen van zulk een wereldbeeld m de bijbel zijn blijven staan en niet meteen een theorie van andersoortige w e reldbeelden gereed hadden, kan hun toch niet zo kwalijk genomen worden Een algemene opmerking, die ik m dit verband tevens zou willen maken, is deze, dat de auteur, als hij m debat treedt met andere opvattingen (hij doet dit gelukkig niet veel het thetische overweegt sterk m dit boek) vaak wel wat f ormalistisch-rechtlijnig redeneert Zo bijvoorbeeld, wanneer hij bij de wijsbegeerte der wetsidee een antinomie ziet, wanneer deze wijsbegeerte zegt dat God zich m het hart van de mens openbaart en dat de gelovige de kosmos aanziet met de blik op God gericht, een antinomie die de schrijver tekent m het beeld van de man, die met het gelaat naar God gekeerd, ruggelmgs de kosmos zou tegemoet treden' Het laatste is tevens een voorbeeld van de vergaande mate waarin de schrijver ruimtelijke beelden m zijn redeneringen betrekt en aan zulke beelden vaak een ,,medezeggenschap" m het betoog geeft, die de uitkomst wel eens vnj speculatief maakt Een ander voorbeeld van zulk denken is de beschouwing der kosmische werelden als „dimensies", waardoor hij er toe komt deze als gelijkwaardig te beschouwen m die zm dat hun geen kosmische volgorde kan toegekend worden Hoe het dan kan zijn, dat hun logisch

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 343

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's