Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 298

2 minuten leestijd

HET ELEKTRON

245

absolute ruimte in de fysica geen plaats was. De uiteindelijke nederlaag voor het materialisme in de fysica volgde echter eerst toen de Deense fysicus Bohr met behulp van de klassieke mechanica een beschrijving trachtte te geven van het waterstofatoom. Hierbij kwam Bohr in conflict met de wetten der elektrodynamica en moest hij zijn zogenaamde quantiseringspostulaten invoeren om de resultaten van zijn theoretische behandeling in overeenstemming te brengen met de experimentele gegevens. Deze tegenstrijdigheid tussen de klassieke mechanica en de elektrodynamica bleef bestaan tot ongeveer 15 jaar later de Franse fysicus de Broglie naar analogie van de dualistische beschrijving van het licht veronderstelde, dat eenzelfde dualisme eveneens zou gelden voor kleine materiedeeltjes, zoals elektronen. Uit de door Planck gevonden betrekking tussen de energie van het foton en de frequentie van de straling en de door Einstein afgeleide betrekking tussen energie en massa kwam de Broglie tot een betrekking tussen de „impuls" van het foton en de reciproke golflengte van het licht, het golfgetal. De constante in deze betrekking ; impuls = constante X golfgetal was weer het elementaire werkingsquantum van Planck. De Broglie veronderstelde nu, dat de beide relaties energie-frequentie en impuls-golfgetal eveneens zouden gelden voor de dualistische beschrijving van kleine deeltjes. Deze veronderstelling werd later bevestigd door het onderzoek van Davisson en Germer naar de interferentie van elektronenstralen aan kristallen. De uit het interferentiepatroon berekende golflengte en de gemeten impuls der elektronen bleken inderdaad de juiste waarde op te leveren voor het elementaire werkingsquantum. De fysicus Schrödinger gaf aan de door de Broglie voorgestelde golfbeschrijving een algemene vorm. Uitgaande van de meest algemene uitdrukking voor een golffunctie en gebruik makend van de beide genoemde betrekkingen slaagde hij er in de bewegingsvergelijking uit de klassieke mechanica om te vormen tot een bewegingsvergelijking voor de golfbeschrijving, de zogenaamde golfvergelijking. In het kader van deze quantummechanische beschrijving kan de plaats van een elektron, dat binnen een zeker volumen element in de ruimte gelocaliseerd gedacht kan worden, beschreven worden met behulp van een golffunctie, waarvan de amplitudo binnen het volumen element een eindige waarde heeft, doch daarbuiten gelijk aan nul is. De fysische betekenis van zo'n golffunctie bestaat hierin, dat het kwadraat van de amplitudo in elk punt van de ruimte de waarschijnlijkheid aan-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 298

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's