1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 216
LINNAEUS ALS CHRISTEN
179
hem vriendehjker ontving, introduceerde hem bij den beroemden Sir Hans Sloane te Londen, bood hem een post in Suriname aan, opperde de mogehjkheid van een studiereis naar Kaap de Goede Hoop, kortom hij zag, wat Linnaeus betekende en beloofde, effende zijn weg en trachtte hem voor Nederland te behouden. Toen Linnaeus begin 1738 toch vertrok om via Frankrijk naar Zweden te reizen, ontving de oude, ernstig zieke Boerhaave hem, en gaf hem als het ware zijn zegen. Linnaeus doet het voorkomen, alsof hij de enige was, die nog toegelaten werd. Dat is alweer niet waar, Boerhaave heeft ook bij voorbeeld zijn Zwitsersen leerling Theodore Tronchin (1709-1781) ontvangen. Toen deze, Tronchin, klaagde over het verlies, dat de wereld met Boerhaaves heengaan zou lijden, had de oude geleerde 4) dat afgeweerd, zoals Tronchin ons verhaalt: „Les larmes me vinrent aux ycux en Ie quittant, il sen apergut, il me prit la main et la serra. Je lui dis que malgré l'arrêt qu'il venait de prononcer contre lui même, fespérais que Ie Ciel recevrait nos voeux et se rendrait a nos prières; fajoutai: et a celles que toutel'Europe faisait pour son rétablissement. ,yous n'ignorez pas, mon bon ami", me répondit-il, „que l'opinion gouverne Ie monde. Quand Sylvius de la Boë mourit, on croyait sa perte irreparable; deux ans après sa mort il était déja oublié; il en sera de même de moi et il faut que cela soit ainsi"." In Linnaeus' verhaal van zijn afscheid van Boerhaave valt het licht bijna meer op hem zelf, dan op Boerhaave 5): „Ehe Linnaus von Leyden Abschied nahm, war schon der kranke BOERHAAVE von seiner Hydrops Thoracis, auf welche eine starke Engbrüstigkeit folgte, so sehr ergriffen, dasz er nicht mehr im Bette liegen konnte, sondern aufsitzen muszte, hotte auch lange vorher verboten, jemand zu ihm einzulassen. Linnaus war auch der einzige, welcher hineinkommen durfte, um seines groszen Lehrers Hand zu kussen, mit einem betriibten : Vale! da denn der schwache Greis noch soviet Kraft in seiner Hand hatie, dasz er des Linnaus Hand zu seinem Munde führte und sie hinwiederum küszte, indem er sagte : „Ich habe meine Zeit und meine Jahre gelebt, auch gethan, was ich verrrmcht und gekonnt habe. Gott spare Dich, dem dies alles noch bevorsteht. Was die Welt von mir verlangte, hat sie erhalten; aber sie verlangt noch weit mehr von Dir. Lebe wohl, mein lieber Linnaus!" Die Thranen gestatteten nicht mehr, und als Linnaus in seine Wohnung zurückgekommen war, sandte ihm jener ein prachtiges Exemplar seiner Chemie."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's