1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 235
192
G. J. HOIJTINK
In 1857 werd door Kekulé de basis gelegd voor de structuurtheorie, zoals de organische chemie die heden nog kent en toepast. Kekulé was de eerste, die veronderstelde, dat het element koolstof vierwaardig was en een jaar later breidde hij zijn hypothese uit met de stelling, dat het element koolstof in staat was zich met zichzelf te binden, waardoor dus een aaneenschakeling van koolstofatomen in de organische verbindingen mogelijk zou zijn 2). Tegelijkertijd en onafhankelijk van Kekulé kwam de Engelsman Couper 3) tot dezelfde gedachten. De naam chemische structuur werd noch door Kekulé, noch door Couper gebruikt. Couper sprak van chemische constitutie en bedoelde daarmee ongeveer hetzelfde wat men thans nog onder chemische structuur verstaat. Kekulé sprak van „Aneinanderlagerung von Atomen". Enkele jaren later, in 1861, verscheen Butlerow's theorie van de chemische structuur *). Hoewel Butlerow deze benaming voor het eerst gebruikte, had het begrip bij hem minder inhoud, dan bij zijn tijdgenoten, die het na 1861 eveneens gebruikten. Butlerow wilde alleen over de chemische samenhang van de atomen spreken. Letterlijk zegt h i j : „We weten weliswaar niet het verband tussen de chemische wisselwerking van de atomen in het inwendige van het samengestelde molecule en hun wederzijdse ligging, we weten zelfs niet of in een samengesteld molecule twee atomen, die direct met elkaar in wisselwerking zijn, naast elkaar liggen, maar we kunnen toch, het begrip fysische atomen geheel buiten beschouwing latend, niet ontkennen dat de chemische eigenschappen van een verbinding door de chemische samenhang worden bepaald." Butlerow ziet geen verband tussen de fysische en chemische structuur, hetgeen voor die tijd niet ongewoon was. De Russische commentatoren, die Butlerow als de grondlegger van de huidige structuurtheorie willen zien, laten uiteraard bovenstaande passage achterwege. Kekulé en Couper echter, die door dezelfde Russen op oneerlijke wijze terzijde worden geschoven, hebben van de aanvang af dit verband tussen fysische en chemische structuur wel gezien. Voor hen was het vanzelfsprekend dat chemische wisselwerking in verband gebracht diende te worden met het fysisch krachtbegrip. Vandaar dat Kekulé reeds in 1857 spreekt over de „Anordnung der Atomen" en Couper een symbolenschrift invoert met bindingsstrepen, zoals dat thans nog in gebruik is. Ondanks alle beweringen van de Russen blijven Kekulé en Couper de grondleggers van de theorie van de chemische structuur. Butlerow zelf heeft nooit het tegendeel be-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's