Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 321

2 minuten leestijd

DE TOELAATBAARHEID VAN KLEINE STRALINGSDOSES door JOH. BLOK De inwerking van ioniserende straling op levende organismen is een onderwerp, dat in de laatste jaren ook buiten wetenschappelijke kringen meer en meer belangstelling wekt. Een van de belangrijkste oorzaken hiervan is het feit dat men in verscheidene landen zich opmaakt om de te verwachten energietekorten aan te vullen door toepassing van kernreactoren. Hierbij is het optreden van ioniserende straling niet te vermijden. Niet alleen de werknemers moeten beschermd worden tegen deze straling, ook de bevolking kan ermee in aanraking komen als radioactieve produkten uit een kernreactor de omgeving zouden besmetten. De ontwikkeling der kernenergie brengt dus een stralingsgevaar met zich mee. Het verschijnsel dat een vooruitgang op technisch gebied gevaren in het leven roept, is op zich zelf niet nieuw. Deze consekwentie pleegt men in het algemeen te accepteren als een noodzakelijk kwaad, als een risico, dat aanvaardbaar is, wanneer de getroffen veiligheidsmaatregelen redelijk zijn. Er is echter maar één beveiliging die een garantie van 100 % biedt tegen de ongelukken ten gevolge van technische vooruitgang en wel een volkomen afzien van deze vooruitgang en genoegen nemen met een lagere levensstandaard. Zonder de moderne verkeersmiddelen zouden er geen duizenden doden per jaar aan het verkeer ten offer vallen, zonder mijnbouw zouden er geen mijnrampen zijn, zonder industrie zou de „smog" in Londen en San Francisco geen gezondheidsprobleem zijn. De opsomming is gemakkelijk voort te zetten: zonder gas geen gasvergiftiging, zonder elektriciteit geen dodelijke ongevallen door elektrische stroom, enz. enz. Tegen al deze gevaren pleegt men zich zo goed mogelijk te beveiligen en het overblijvende, waarlijk niet altijd geringe risico wordt geaccepteerd als noodzakelijk en onontkoombaar. Waarom trekt nu het risico van de radioactiviteit zoveel sterker dan andere risico's de aandacht? Waarom word de alarmklok geluid met een heftigheid die men in het verleden vrijwel alleen toonde nadat door een gebrek aan beveiligingsmaatregelen een grote ramp geschied was?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 321

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's