1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 127
104
J. A. VAN DER HOEVEN
lie bent als geheel volkomen afhankelijk van de inspanning van het intellect". Hoe het met de vertegenwoordigers van het intellect staat, b.v. in ons land, kan men te weten komen, o.a. uit de cijfers, die Luning Prak gegeven heeft in Elseviers Weekblad, 1955. Hij zegt: „Het aantal personen onder de volwassen bevolking, dat voldoende verstandelijke kwaliteit bevat om een post als arts, accountant, advocaat, architect of ingenieur met redelijk succes te kunnen vervullen, is nu eenmaal zeer klein". (Vgl. de grafiek). Het ziet er naar uit, dat juist als bij ons, in Engeland en U.S.A. in de eerste 20 tot 40 jaar een tekort zal komen aan intelligentie. Dat althans te weinig intelligente mensen voorhanden zullen zijn om het complexe industriële systeem te runnen. Wanneer iets dergelijks optreedt, ontstaat op den duur een lager welvaartspeil. Er zullen b.v. minder onderwijzers zijn. Om toch de jeugd op te voeden worden de eisen aan een onderwijzer gesteld, verlaagd. Zie bij ons de gesubsidieerde stoomcursus. Het peil der scholen zakt, het gehalte der bevolking gaat omlaag, de hordenmentaliteit neemt toe. Deze mentaliteit is egoïsme, gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel, het zich laten meeslepen door ieder die een grote mond opzet. Het moderne streven om de burger van alle verantwoordelijkheid te ontheffen, vermindert op de lange duur ook zijn gemeenschapszin „Dat is immers het grote verschil tussen een leider en een hordemens, dat de eerste een persoonlijkheid is, een denkend wezen met eigen mening, een individu, terwijl de hordemens iemand is uit de menigloze grote hoop, dus inderdaad slechts een exemplaar van zijn soort, die zijn confectieovertuiging pasklaar krijgt na zijn courant gelezen te hebben of een redevoering aangehoord, kortom door een stille kracht, die over zijn geest heerst" 2). Een gezonde bevolkingspolitiek zal dus zeker er op gespitst moeten zijn de kleurloze horde, die nu eenmaal het grootste percentage der bevolking inneemt, niet tot minder maar tot groter verantwoordelijkheidsgevoel te brengen. Daar komt nog bij dat er een bepaalde groep in iedere bevolking is, die men in angelsaksische landen de subnien noemt. (Dit moet men als een demografisch begrip zien, niet zonder meer als een waarde-oordeel). Deze submen zijn de misdadigers, de van huis uit tot de onderwereld behorenden, de gangsters etc, Een soort mensen, die erfelijk belast, niettemin door hun procreatie ook deze tendenz tot de misdaad verder geven. Wil men de wereld verbeteren, dan zal men de groepen der ondermensen zo klein mogelijk moeten zien te maken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's