Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 82

2 minuten leestijd

62

J. BLOK

ander belangrijk gegeven is de ouderdom van de aarde en van het deel van het heelal dat wij waarnemen; deze ouderdom kan voor beide op enkele malen ] 09 jaar gesteld worden; voor de ouderdom van de aarde volgt dit uit gegevens over radioactieve elementen en voor de sterren uit het hoge waterstofgehalte dat daar aanwezig is, ondanks de thermonucleaire omzetting in helium. Deze gegevens maken het voor de kosmologen moeilijk een statisch heelal te aanvaarden. Bij de modellen die bruikbaar gebleken zijn vinden wij drie meningen over het ontstaan van het heelal. De eerste mogelijkheid gaat uit van een heelal dat aanvankelijk in een zeer homogene toestand bestond; deze aanvankelijke toestand was statisch: er was evenwicht tussen de gravitatieaantrekking en de afstoting; dit evenwicht was echter labiel. Door een of andere verstoring, waarvan verondersteld kan worden dat dit condensatie van materie was, werd het evenwicht verstoord en trad expansie op. De aanvankelijk, homogene toestand wordt verondersteld zich tot een oneindig verleden uit te strekken; de eigenlijke ouderdom van de sterren gaat echter maar terug tot het moment van de evenwichtsverstoring en de daarop volgende expansie, d.i. enkele malen 109 jaar. Bij dit model, dat omstreeks 1925 door Lemaitre opgesteld werd en ook sterk door Eddington is verdedigd, treedt het probleem van de schepping in het geheel niet op; van de aanvankelijke vorm van het heelal kan verondersteld worden dat deze oneindig lang bestaat. Moeilijkheden bij deze beschouwing zijn o.a. voortgekomen uit de merkwaardigheid dat dit heelal, dat blijkens de zeer lange tijd dat het in de oorspronkelijke toestand verbleef, toch niet zo erg labiel was, bij een evenwichtsverstoring in een grote veelheid van condensaties uiteenvalt. Deze en andere moeilijkheden hebben andere mogelijkheden naar voren gebracht. Daarvan noemen we de creatie van het heelal vanuit één punt; deze creatie zou dan enkele malen 109 jaar geleden zijn. Op deze creatie, waarbij dan zeer grote dichtheden zouden optreden, zou dan een expansie gevolgd zijn; soms worden dan nog drie fasen onderscheiden: een aanvankelijke expansie, een vrij stabiele toestand waarin condensatie optrad en een daarop volgende expansie die nog voortduurt. Een dergelijk model werd in 1946 door Lemaitre beschouwd uitgaande van de algemene relativiteitstheorie; tot een creatie vanuit een puntbron kwam ook Milne, uitgaande van meer algemene gezichtspunten 5). Bij deze gedachtengangen valt het op dat het begrip schepping inderdaad een plaats gekregen heeft. Niet duidelijk is hoe ruim dit begrip genomen wordt. Bedoelt men

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 82

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's