Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 93

2 minuten leestijd

DE MENS IN HET ZIEKENHUIS i) door M. PLOOIJ Het lijkt op het eerste gezicht misschien wat vreemd, de vraag naar de plaats van de mens in het ziekenhuis aan de orde te stellen. Alles draait in het ziekenhuis immers om de mens en diens gezondheid. Men zou een dergelijke vraag misschien verwachten bij een algemene beschouwing over amerikaanse mammoeth-ziekenhuizen, waarbij de patiënt van onderzoekkamer naar onderzoekkamer wordt gerold, om tenslotte met een latijnse kwalificatie te voorschijn te komen. Maar in Nederland lijkt zulk een depersonalisatie toch niet te bestaan. Wanneer men echter dagelijks in een ziekenhuis verkeert, kan men zich niet geheel onttrekken aan de gedachte, dat ook hier het gevaar, de mens te verliezen, steeds toeneemt. Van oude tijden af hebben mensen behoefte gevoeld armen, zieken en stervenden te verzorgen. Hoewel de charitas een bij uitstek christelijke functie genoemd zou mogen worden, vindt men ook bij oudere volkeren en andere godsdiensten aanwijzingen, dat zieken en zwakken op de één of andere wijze verzorging konden vinden. Ik denk daarbij niet eens aan de geneeskundige verzorging, die als essentieel onderdeel voor de gerustheid bij de soldaten, reeds aan de romeinen uitvoerig bekend was. Men krijgt echter bij de bestudering van de geschiedenis de indruk, dat de zieken gewoonlijk thuis door de naaste familieleden werden verzorgd. Slechts voor hen, die door de sociale omstandigheden niet op verzorging van onmiddellijke vrienden of familie konden rekenen, werden gasthuizen gebouwd en ingericht. Deze gasthuizen, soms door kloosterorden, soms ook door idealistische, niet zelden hooggeboren, vrouwen bediend, verzorgden vooral dus de lagere bevolkingsgroepen. Hier en daar heeft de plaatselijke overheid de finantiële zorg op zich genomen en min of meer aan de eisen van de tijd aangepaste gasthuizen gebouwd. Deze eisen waren overigens wel geheel anders dan tegenwoordig. Het hospitaal in Lyon b.v. telde in 1598 slechts 100 bedden, maar er werden 500 patiënten opgenomen, omdat elk bed voor 5 patiënten was berekend. En in Parijs kende men in het Hotel Dieu zelfs bedden voor 6 personen. ^) Voordracht gehouden op 3 november 1956 te Amsterdam in de medische sectievergadering van het 4e Congres der Christelijke Vereniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's

1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 93

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1957

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 349 Pagina's