Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1958 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 123

2 minuten leestijd

WAAROM NATUURBESCHERMING?

99

ling mens-olifant ondervonden. De omvang van de op Ceylon aanwezige natuurreservaten is te gering om de olifanten thans binnen de grenzen van deze reservaten te houden. Niettemin gaan er op Ceylon stemmen op ten gunste van het behoud van de olifant. De argumentatie is, dat de olifant een zodanig waardevol levend wezen is en een zodanige belangrijke plaats inneemt in de geschiedenis en de folklore van Ceylon, dat de Ceylonese regering zich gerechtigd dient te gevoelen om het behoud van de olifant te bevorderen en de door olifanten aan de landbouw aangerichte schade van staatswege te vergoeden. Een Ceylonees bos zonder olifanten is een geschonden bos en zal dat voor het nageslacht blijven. Hier treedt aldus het ethische moment van de natuurbescherming op de voorgrond. Ook in de strijd om het behoud van de Addo-olifanten spraken ethische elementen mee: een gevoel van schuld, dat aandrong op een poging om door het behoud van de laatste overlevenden van een eertijds bloeiende olifantenstand, iets goed te maken. Of althans: groter schuld te voorkomen. De wagen moeten dus gesteld worden: heeft de mens ter zake van natuurbescherming schuld; aan wie; en welke prijs is ter schulddelging gerechtvaardigd? Het is geen voor de hand liggende zaak, dat de mens in zake natuurbehoud schuld heeft. Voor de rationele mens zou een wereld, waaruit de wilde dieren en de onnutte planten en bomen zouden zijn verwijderd een aantrekkelijke toekomstverwachting behoren te zijn. Gaat het in deze wereld niet om de mens en zoekt de mens in deze wereld niet naar de handhaving van zich en zijn geslacht? Is het dan zo vreemd, dat een fantasie over het toekomstige wereldbeeld alle niet direct voor de mens bruikbare planten en dieren verbant en dat de schrijver Franz Werfel in zijn roman ..Stern der Ungeborenen" (Stockholm, 1946) een beeld ontwikkelt, dat met de woorden van de zoöloog Dr A. C. V. van Bemmel i) aldus kan worden samengevat: .,een aarde zonder reliëf, bedekt met een grauw grastapijt, met een eenvormige mensheid die alle problemen heeft overwonnen, zelfs het sterven tot een elegante operatie heeft teruggebracht en die alleen zichzelve niet overwinnen kan. De dierenwereld van deze toekomst stelt de romancier zich voor als slechts bestaande uit honden, die als gezel van de mens zich emancipeerden, uit katten die zichzelf gelijk bleven, uit een paar gedege1) „Morituri", Chronica Naturae, 105 (2), 1949, p. 35.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's

1958 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 123

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's