Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1958 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 235

3 minuten leestijd

OVER DE MELAATSHEID IN DE BIJBEL

193

ontstaan van het „rauwe vlees" in de gevallen van de oude melaatsheid. Vóór de vitiligo pleiten de omschrijving van de witte kleur, vooral het wit worden der haren, het zich vrij snel uitbreiden en vooral ook het feit, dat men uit de beschrijving van de zara'ath sterk de indruk krijgt, dat het niet een ziekte was, die ten dode voerde, of misvormingen gaf, maar wel een ziekte of plaag, die door zijn karakteristieke veranderingen erg opvallend, ook voor de leek, moest zijn. Met een overvloed van bewijzen en parallellen weet Münch ons aan te tonen, dat de uitdrukking: dieper dan de huid, eigenlijk vertaald moet worden met diep in de huid. De witte haren zouden dus een bewijs zijn, dat de witte kleur diep in de huid zou zitten. De uitdrukking „rauw vlees" (michjah bassar chaj) meent Münch (zich voornamelijk beroepende op de vertaling van het woord „michjah" door de Rabbijnen van de Mishna door „gezond"), te moeten vertalen door ,,gezonde huid". Nu is dus voor hem het laatste bewijs geleverd. De gezonde huid, die volgens Leviticus zich ontwikkelde in de witte melaatse vlek, zijn die eilandjes van pigmenthoudende huid, die wij bij de uitgebreide vitiligovlekken als het ware zien ontstaan doordat de vlekken zich uitbreiden en de gezonde huid als kleine vlekken tussen de grote witte vlekken overblijft. De melaatsheid van de behaarde huid meent hij te moeten opvatten als een herpes tonsurans. Ik kan niet anders zeggen dan dat de gehele uiteenzetting van Münch — die tot zijn beschouwing is gekomen doordat in Turkestan, waar hij werkte, veel lijders aan vitiligo waren (daar pesf genoemd) en die in die streken, tegelijk met de echte leprozen, door de bevolking waren geschuwd en opgesloten in de leprozerieën — op mij een zeer overtuigende indruk heeft gemaakt en dat wij het met hem eens kunnen zijn, dat in het verleden, voornamelijk het de lijders aan vitiligo zijn geweest, die onrein zijn verklaard en uitgestoten uit het kamp. Maar ik meen, dat wij er met deze pogingen toch nog niet zijn. Wij moeten ons niet dood staren op de beschrijving van de zara'ath volgens Leviticus alleen. Wij moeten trachten het beeld der zara'ath te begrijpen, door het te zien ook in de toepassing in de practijk van het Joodse leven. Nu blijkt uit enige teksten en verhalen uit het Oude Testament, dat het zara'ath zijn steeds in verband wordt gebracht met een door de betreffende persoon gedane overtreding tegen God en tegen zijn wetten, zoals die waren vastgesteld. Als Mirjam (Numeri 12 v. 10—15) zich verzet tegen de leiding van Mozes, slaat God haar: melaats als sneeuw. Wanneer de koning Uzzia zelf het reukoffer in de tempel vwl

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's

1958 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 235

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's