1958 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 53
DE CHRISTEN-ARTS AAN HET STERFBED
41
de door het verslag voorgestelde, b.v. „Have you ever thought about the sin in your life?" — Als bewijs, dat ook sterfuurbekeringen inderdaad voorkomen, wordt de ontroerende geschiedenis van de berouwvolle kruiseling aangehaald, maar kan men zich voorstellen, dat die door Jezus toegesproken is in de trant van het verslagsymposium? Uit het feit, dat er niets over gezegd wordt, mag uiteraard niet worden afgeleid, dat er niets gezegd is, maar ligt het niet in de lijn van het verhaalde, dat het vooral de wijze is geweest, waarop de Heer dit lijden droeg, waardoor de misdadiger wist, dat Jezus in zijn koninkrijk zou ingaan — zo schijnbaar tegen alle werkelijkheid in — en waarom hij pleitte hem daar te gedenken. Ik zou ook nog willen vragen: is het eigenlijk niet een — misschien gelukkige — inconsequentie, dat een christen-dokter zou aanbieden een priester of rabbi (onder C, 8e al.) te roepen? Moet hij niet — op het standpunt van de C.M.S. — bevreesd zijn, dat dergelijke geestelijke hulp de stervende juist op de verkeerde weg zou brengen? Waarom heb ik dit alles geschreven en mij, toen de Redactie een aantal leden onzer Vereniging hun mening vroeg, meteen bij hen gevoegd en daarbij tevens gebruik gemaakt van de uitnodiging van de „rondblik"-schrijver in de laatste alinea van zijn inleiding? Ik meen wel te mogen zeggen: zeker niet uit interessantigheid of om met mijn gevoelens te koop te lopen, maar om mede te helpen deze dingen van de kant van de patiënt te zien, ik mag wel zeggen existentiel" te zien. Inderdaad raken ze ons bestaan in zijn diepte. Het gaat dan ook niet om een theoretische aangelegenheid en het gaat ook niet enkel om de mening van de doktoren. Wel moeten wij, patiënten, (en ieder van hen zal op zijn beurt patient wezen) beseffen voor welke zware verantwoordelijkheden de geneesheren ook in dit opzicht komen te staan, al blijft het de vraag in hoeverre „getuigen' tot de primaire verantwoordelijkheid van den geneesheer behoort i). Misschien niet zo zeer bij die patiënten, die open staan, die om hulp vragen, ook al zal bij hen de ene dokter, juist door zijn mensehjke kwaliteiten, door zijn eigen geslotenheid of moeilijkheid zich te uiten, of ook door zijn ') BIJ het slot (,,General problems") is mij met goed duidelijk of dit laatste ook de mening is van het symposium of dat m „There is a tendency, especially with the chronically ill, to shun witnessing because it is not primary responsibility of the physician" de menmg van anderen gegeven wordt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's