Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1958 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 310

2 minuten leestijd

254

BESTUUR EN REDACTIE

iets waarnaar wij blijven streven, maar dit is zo maar niet bereikt." De Redactie, die er naar streeft het tijdschrift zo goed mogelijk te maken, en die zoveel mogelijk vermijden wil meennalen, alleen om het budget niet te overschrijden, met een „mager nummertje" te moeten komen, heeft financiële armslag nodig. In dit verband moge nu hier, vooral voor de vele leden, die niet op de jaarvergadering aanwezig waren, nog enige toelichting gegeven worden: in 1957 (deze jaargang, blz. 83) bedroegen, blijkens de jaarstukken, de kosten van de jaargang ƒ 6168 (druk- en portikosten e.d.) plus ƒ 271 (honoraria), totaal dus ƒ 6439 voor een oplaag van 925 exemplaren, dus ca ƒ 7.— per jaargang. Op zichzelf helemaal geen hoog bedrag voor een toch zeker niet onbelangrijk (we kunnen toch niet onze eigen glazen ingrooien!) tijdschrift. Vergelijkt U ze maar eens met die voor Uw vaktijdschriften! Voor de adspirantleden wordt — en volkomen billijk, in verband met hun geringere financiële draagkracht — dus alleen op het tijdschrift (hun jaarcontributie was in 1957 immers ƒ 6.—) per lid ƒ 1.— bijgepast. En dan wordt uiteraard ook nog bijgepast hun aandeel in de „overheadkosten". — Per lid bedragen die ƒ (7.749 - 6.349) / 485 + 270) dus ƒ 1.86. Per adspirantlid wordt dus totaal ca ƒ 3.— bijgepast. Nu is dit allesbehalve een reden het instituut van adspirantlid af te schaffen of in te perken. Integendeel. Het is voor onze Vereniging een levenskwestie bij de studenten belangstelling te wekken voor haar werk. Terecht is o.i. dan ook besloten de contributie, vanaf 1 januari 1959, voor de adspirantleden niet te verhogen. Maar dan moet daar toch ook een en ander tegenover staan. Allereerst, dat men de overgang van adspirantlid naar gewoon lid vooral niet langer uitstelt dan noodzakelijk is. Voor doctorandi is de grens reglementair vastgelegd. Maar voor medische doctorandi biedt de praktijk toch wel enige moeilijkheden. Zij voelen zich eerst (en begrijpelijk) afgestudeerd als ze „arts" geworden zijn en (en dat is wel niet on-, maar toch iets minder begrijpelijk) dat weer eerst, als ze in de praktijk zijn en bijv. niet zolang ze nog in militaire dienst zijn. Hoe hierin te handelen, moge aan de wijsheid van het Bestuur worden overgelaten. In de tweede plaats is het te hopen, dat geen der leden in de door het Bestuur voorgestelde en door de Vereniging aanvaarde contributieverhoging aanleiding vindt, te bedanken, maar dat integendeel het streven wordt aangewakkerd — waarop boven ook al gedoeld werd —

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's

1958 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 310

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's