1958 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 239
OVER DE MELAATSHEID IN DE BIJBEL
197
en pustulae). Hoe is het met het woord lepra verder gegaan? Dit woord werd in de eerste Latijnse vertaling van de Bijbel, de Vulgata (dus ongeveer om het jaar 400), overgenomen. Toch eerst omstreeks het jaar 700 en later hoort men van de eerste leprozenhuizen en tegen de kruistochten, van 1000—1200, in de tijd van de opleving en het zich verdiepen van het Christendom, zien wij ook een zeer grote opleving ontstaan wat aangaat het vraagstuk van de leprozen. Maar één ding valt hier op. Wel is het begrip leproos geheel Bijbels georiënteerd en kent men de leprosi anima, de tegen God en de Christelijke gemeente gezondigd hebbenden, die uitgesloten zijn van de kerkdienst en de sacramenten, maar in sterke mate overheerst het beeld uit de gelijkenis van Jezus, van de arme Lazarus, die met wonden bedekt buiten de poort van de rijke man lag. Dit kon volgens de oud-Joodse opvatting geen zara-ath geweest zijn, want dan zou Lazarus buiten de poorten der stad hebben gelegen. Toch nam men op gezag van de kerkvaders aan (misschien ook wel door enige parallelisme met de ziekte van Job, die volgens de kerkvader Origenes immers ook aan lepra had geleden), dat Lazarus lepra had gehad (een voorstelling, die inderdaad zich aansluit bij de Hippocratische voorstelling dezer ziekte). Maar nu niet omdat hij zo zwaar gezondigd had, maar omdat God hem bijzonder beproeven wilde om hem in het hiernamaals des te meer te belonen. Zo werden deze — met de Lazarusziekte behepten — Gods lieve siecken genoemd. Zij werden uitverkoren om veel te lijden, opdat zij het later des te beter zouden hebben. En men begon het zich tot een plicht te rekenen deze uitgestotenen extra te verzorgen. De leprahuizen kregen grote legaten, extra giften, zodat het een voordeel was om Lazaruszieke te zijn (de leprozerieën behoorden bij de Middeleeuwen als de tuberculosesanatoria bij het heden (Sticker)). Tussen de 14de en de 15de eeuw breidde deze z.g. lepra "zich dan ook fantastisch uit. Maar dan komt de reactie. De enigszins ziekelijke belangstelling voor de godsdiensten en daarmee voor de leprozerieën neemt af; de leprozen zelf eisen, dat er aan de leprakeur streng de hand zal gehouden worden en dan zijn er honderd jaar later opeens bijna geen leprozen meer en de Lazarushuizen kunnen bij tientallen gesloten worden. „Als man — zoals Sticker opmerkt — gelernt batte, wahre Lepra von falscher Lepra, unheilbare Lepra von heilbaren lepraahnlichen Krankheit zu sondern, erwies sich dass die Leproseriën oder Aussatzhauser weit mehr Kranke und Elende mit Scheinlepra als echte Leprose beherbergten". Toch heerste in die tijd nog op het gebied der huidziekten een
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's