Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

1958 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 220

3 minuten leestijd

178

K. P. C. A. GRAMBERG

vertaling niet oordelen, maar ik vraag mij toch af, of de verandering van het oorspronkelijk gebruikte woord gezwel in zwelling voor het in het latijn voorkomende woord tumor wel juist is? Hoe dan ook, de gehele ziektebeeld-beschrijving in Leviticus 13, die de indruk wekt, van zeer exact te willen zijn, is voor het medisch denken en weten van tegenwoordig onduidelijk en geeft behalve de witte verkleuring geen enkel aanknopingspunt met lepra. Ook de Misnha, de verzameling van Joodse wetten, die ontstaan was nadat het Joodse volk in de verstrooiing was gegaan en die verzameld waren door Rabbi Jehuda (in het eind der eerste eeuw na Christus), geven geen uitkomst. Het woord zara'ath wordt in het z.g. Tractaat nega'im niet meer gebruikt en ook het woord sapachath is in de omschrijving weggevallen. Over blijven alleen maar de woorden sééth en bahereth, die soms geduid worden als zwelling en witte vlek, soms als litteken en blaar en andere variaties. In de Mishna schijnen de twee woorden door elkaar gebruikt te v/orden met alleen een verschil in graad en schijnen zij beiden te duiden op een verkleuring der huid, waarbij bahereth dan de echte witte vlek (niet blaar) zou voorstellen. Het feit dat in de Mishna en de Talmud wel zeer uitvoerig verhandeld wordt over de lichtinval en -sterkte waarbij de priester de witheid der vlek moest beoordelen, dat er wel uitvoerig gediscussieerd wordt over het aantal haren dat minstens wit moet zijn, wijst er wel op, dat voor de Joden, deze twee verschijnselen het voornaamste waren. Dit pleit tegen de suggestie door sommige commentatoren geuit, dat allerlei verschijnselen, die ook tot het beeld der zara'ath behoorden en in Leviticus niet zouden zijn vermeld, zo algemeen erkend waren, dat zij niet behoefden vermeld te worden. Ten slotte moeten wij ons dan nog afvragen wat er bedoeld kan zijn met de Hebreeuwse woorden in vers 10 en later: michjah bassar chaj. Volgens de huidige Nederlandse tekst: wild vlees! Caro viva, is de vertaling in de Vulgata. Eigenlijk dus levend vlees. Maar Münch 3) meent op grond van allerlei overwegingen, voornamelijk van taalkundige aard, dat het ook vertaald kan worden: levende huid, dus gezonde huid. Wanneer wij dan ook in vers 18 lezen van een zweer, die in witte huid zou kunnen veranderen, waarbij de haren op dezelfde plaats ook wit worden, dan voelen wij uit deze vertaling direct, dat hier een anatomische onmogelijkheid wordt voorgesteld, zodat het woord zweer hier zeker onjuist is gebruikt, en de vertaling: gezonde huid waarschijnlijker is te achten Ook het dieper liggen van

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's

1958 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 220

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's