1958 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 33
DE ARTS EN DE ZIELSZORG VAN ONGENEESLIJKE ZIEKEN door L. VAN LOON De aangrijpende beschrijving van de aftakeling en de ondergang van de mens in Prediker 12 zal ieder, maar zeker de arts toespreken. Met vele bejaarden, chronisch zieken, ongeneeslijken en stervende patiënten heeft hij geregeld contact en reeds in het regimen sanitatis van de oude geneeskundige school te Salemo kan men lezen: „Contra vim mortis, nulla herba in hortis". Tot in onze tijd voelt de arts zijn machteloosheid tegenover de naderende dood en hij wordt dagelijks herinnerd aan het woord: „de mens gaat naar zijn eeuwig huis". Moet hij de zieke bij deze laatste gang tot voor de poort van de dood ook steunen en zijn patiënt met geloofsmoeilijkheden helpen? De Christenarts is overtuigd dat geloof en wetenschap niet twee afzonderlijke begrippen zijn, maar dat hij wetenschappelijk werker èn priester moet zijn en deze polaire functies zullen een voortdurende wisselwerking, maar ook grote spanning op hem uitoefenen. De mens moet in de spanning van het midden durven leven, tussen de polen van het onverzoenlijke. „De goede wil", zegt Jaspers, „kan niet handelen zonder te kwetsen. Hij is overgeleverd aan de grenssituatie der onvermijdelijke schuld". De arts heeft ook de neiging deze schuld te rationaliseren, deze bipolaire spanning te ontvluchten en zo menen vele artsen dat zij de geestelijk-religieuze bemoeienis beter aan de pastor kunnen overlaten en tal van psychiaters zijn overtuigd, dat waar de zielszorg begint, de psychotherapie en hun behandeling ophoudt. Toch is er een kentering waar te nemen en het is niet toevallig dat de laatste tijd ook door de artsen meer aandacht wordt geschonken aan de bejaarden, ongeneeslijke en stervende patiënten, want de medicus begint na de roes der zuiver natuurwetenschappelijke successen, tot bezinning te komen. Is gezondheid de grootste schat of heeft het ziek zijn, het sterven ook een diepe zin?, heeft hij zich afgevraagd. Gavey, Worcester, Bax, van den Berg en anderen hebben hierover geschreven en beschouwingen over ,,bedside manners", ,,garder Ie lit", „over het ziek zijn" enz. geven hem richtlijnen om de zieke in zijn wereld en zijn existentiële spanning invoelend te begrijpen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1958
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 340 Pagina's