1961 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 121
Chemische beschouwingen over het ontstaan van leven op aarde
93
proteïne geen eenvoudige zaak is en het organisatie-niveau van een moderne telefooncentrale nabij komt. De reproduceerbare vorming der eiwitten eist ook een even reproduceerbare synthese van de talloze matrijzen zelf. Bovendien dient alle informatie waarover de cel beschikt, te worden overgedragen van moeder- op dochtercel. Deze laatste overweging richt onze aandacht als vanzelf op de erfsubstantie van de cel, welke, zoals wij weten, ook uit nucleïnezuren bestaat, het z.g. desoxyribonucleïnezuur (DNA). In de voorstelling van Watson en Crick, welke ook buiten de biochemische en biologische kring bekendheid heeft verworven, speelt de complementaire paarvorming tussen twee ketens van DNA wederom een essentiële rol. Volgens deze auteurs is het DNA opgebouwd uit twee spiraalvormige ketens, die volkomen complementair zijn in hun nucleotide-samenstelling en door een zeer groot aantal waterstofbruggen bijeen worden gehouden. Analytische onderzoekingen zowel als de uitkomsten van röntgen-diffractie-proeven bevestigen het geschetste model. Bij de celdeling gaan beide complementaire ketens uiteen (figuur 3) en vormen ieder voor zich een matrijs aan welks oppervlak een nieuwe keten van mononucleotiden wordt opgebouwd, welke complementair aan de matrijs is. Het resultaat is de vorming van twee nieuwe duplexen, die volkomen identiek zijn aan de oorspronkelijke DNA-duplex van de moedercel (vergelijk in dit orgaan Oosterhuis (16)). Het DNA, dat men als de meest primaire bron van biologische informatie dient te beschouwen, treft men uitsluitend aan in de celkern. Het RNA, nodig voor de proteïne-synthese en voorzien van secundaire informatie, komt zowel in de kern als in het cytoplasma voor. Zeer onlangs zijn aanwijzingen gevonden voor een zogenaamd „messenger's" RNA. Dit RNA brengt de code (the message) over van de erfsubstantie naar de secundaire informatiecentra in de cel. Het is waarschijnlijk onnodig te vermelden, dat men zich het mechanisme van deze overdracht weer heeft ingedacht via complementaire interactie op hoogmoleculair niveau. De hiërarchische relatie die reeds eerder werd aangegeven tussen RNA en proteïne kan dus waarschijnlijk worden uitgebreid als volgt: ^ , , . Messenger's RNA DNA 2 ^
_,_,, RNA
^ ^ •• ^ Proteïne.
In het voorgaande is doelbewust sterk de nadruk gelegd op het begrip biologische informatie, zoals men deze op grond van recente
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1961
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 308 Pagina's